Het Zomerakkoord voorziet een wijziging in de fiscale behandeling van kapitaalverminderingen. De terugbetaling van fiscaal gestort kapitaal (inclusief uitgiftepremies) is tot op heden belastingvrij in hoofde van een vennootschap (mits het respecteren van relevante verplichtingen). Vanaf januari 2018 zal er echter roerende voorheffing betaald moeten worden indien er tevens belaste reserves aanwezig zijn in de vennootschap.

Concreet zal de terugbetaling van gestort kapitaal als een dividend kwalificeren ten belope van de verhouding van belaste reserves op de som van het gestort kapitaal en het bedrag aan belaste reserves. Een dividend is in principe onderworpen aan 30% roerende voorheffing. Buitenlandse investeerders kunnen mogelijks genieten van een lager tarief of vrijstelling op basis van een dubbelbelastingverdrag.

Ter illustratie, zal een aandeelhouder natuurlijke persoon van een Belgische vennootschap met 1 miljoen euro aan gestort kapitaal en 2 miljoen euro aan belaste reserves 100.000 euro roerende voorheffing moeten afdragen op een kapitaalvermindering van 500.000 euro. De berekening gaat als volgt: 500.000 euro x [2/(1+2)] x 30%, oftewel 67% van 500.000 euro belast aan 30%.

Om de betaling van roerende voorheffing te vermijden, kan er overwogen worden om nog in 2017 een kapitaalvermindering door te voeren (eventueel kan de vordering van de aandeelhouder tijdelijk blijven openstaan). Hierbij is het uitermate belangrijk de toepasselijke verplichtingen correct na te leven en te voorzien in niet fiscale motieven aangezien de belastingadministratie kapitaalverminderingen zal controleren. Indien er eerder een zogenaamde interne meerwaarde werd gecreëerd, zal er een bijzondere voorzichtigheid aan de dag gelegd moeten worden. Met het oog op de toekomst, kan een aandeelhouder overwegen om zijn vennootschap te financieren met een lening i.p.v. een inbreng.