De rechtbank van koophandel van Turnhout sprak zich recent uit over de informatieverplichting van de levensverzekeraar bij tak-23 producten. De particuliere klanten hadden op het inschrijvingsformulier (het ging om een storting van een eenmalige koopsom) vermeld dat ze de brochure en technische bijlage hadden ‘ontvangen, gelezen en begrepen’. Ze ondertekenden als bijlage bij de overeenkomst een ‘verklaring van goed begrip’, inzake onder meer de beleggings- en financiële risico’s. Die vermeldde ook dat wanneer het fonds in niet-liquide activa werd belegd, de afkoop geheel of gedeeltelijk kon worden uitgesteld. Ter gelegenheid van twee volgende stortingen van eenmalige koopsommen ondertekenden ze trouwens een gelijkaardige verklaring.

Voor de rechtbank argumenteerden de verzekerden dat ze, op basis van de foutieve inlichtingen verstrekt door de verzekeraar, die het zou hebben gehad over een jaarlijks rendement met kapitaalsgarantie, meenden de polis op eender welk ogenblik te kunnen afkopen mét die kapitaalsgarantie.

De rechtbank oordeelt dat er geen betwisting bestond over het feit dat het om een tak 23-product ging (en dus, in tegenstelling tot een tak 21-product, om een verzekering waar de waarborg van een gegarandeerd kapitaal en rendement ontbreekt – dat is nu eenmaal het belangrijkste verschil tussen beide), en besluit dat het voor elke ‘goede huisvader’ duidelijk is – of zou moeten zijn – dat het niet gaat om een risicoloze belegging, dat geen vast rendement werd gegarandeerd, en dat wat de verzekeringsmaatschappij aangaf als successen van het betreffende fonds in het verleden, niet door de verzekerden redelijkerwijze konden worden geïnterpreteerd als garanties inzake toekomstig rendement. (Koophandel Turnhout, 14 november 2011, TBH 2012, nr. 3, 311).

Moraal? Een dergelijke ‘verklaring van goed begrip’ is – in tegenstelling tot wat vaak wordt beweerd –héél wat meer waard dan het papier waarop het is geschreven!