Zorgverzekeraars

De Eerste Kamer heeft op 13 juni 2017 besloten het wetsvoorstel ‘verbod winstuitkering zorgverzekeraars’ voorlopig aan te houden, in afwachting van een door de initiatiefnemers aangekondigde novelle.

Aanleiding voor de novelle vormen de adviezen van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en De Nederlandsche Bank (DNB), waarin zij zich negatief hebben uitgelaten over het wetsvoorstel. Eerder was ook de Raad van State al kritisch.

Met het aanhangige wetsvoorstel wordt getracht het verbod op winstuitkering permanent te maken (tot 2018 geldt nog een tijdelijk verbod). Het wetsvoorstel is in januari 2017 goedgekeurd in de Tweede Kamer en ligt nu bij de Eerste Kamer. Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en het Ministerie van Financiën hebben de NZa en DNB verzocht een advies uit te brengen over het wetsvoorstel.

Advies NZa

De NZa concludeert in haar advies dat het wetsvoorstel verder gaat dan het huidige (tijdelijke) verbod op winstuitkering en dat het verbod daarmee ook consequenties heeft voor toezicht op – en handhaving van – het verbod. De NZa is van mening dat het wetsvoorstel nog onvoldoende duidelijk is: zo zijn huidige definitiebepalingen onvoldoende duidelijk en definities van het begrip ‘winst’ en ‘verbetering van kwaliteit en toegankelijkheid van zorg’ ontbreken geheel. Doordat er geen heldere definities zijn voor deze twee termen, is het onduidelijk wat exact de reikwijdte is van het wetsvoorstel: welke financiële middelen vallen precies onder het wetsvoorstel en welke niet? De huidige lacunes in het wetsvoorstel maken het volgens de NZa moeilijk om het verbod op winstuitkering in de praktijk effectief te handhaven.

Op verzoek van het Ministerie van VWS heeft de NZa in haar advies ook aandacht geschonken aan de bredere effecten van het initiatiefwetsvoorstel op het zorgstelsel en de rol van de NZa daarin. De NZa signaleert enkele potentieel negatieve gevolgen van het wetsvoorstel. Zo signaleert de NZa dat het wetsvoorstel kapitaal aantrekken bemoeilijkt, waardoor het voor zorgverzekeraars lastiger wordt om aan de kapitaaleisen te voldoen. Manieren om dit risico af te dekken voor een zorgverzekeraar zijn het doorvoeren van premiestijgingen of het selecteren van verzekerden via risicoselectie. Ook signaleert de NZa, in samenspraak met de Autoriteit Consument & Markt (ACM), dat de beperkte mogelijkheden om kapitaal aan te trekken de toetreding van nieuwe zorgverzekeraars tot de zorgverzekeringsmarkt bemoeilijkt, het verbod op winstuitkering heeft daarmee mogelijk ook een concurrentiebeperkende werking.

Advies DNB

DNB waarschuwt vooral voor de mogelijke effecten op de solvabiliteit, de herstelmogelijkheden en de bedrijfsvoering van zorgverzekeraars. Bovendien sluit DNB zich aan bij de NZa in de zin dat de definitie van winst niet sluitend is geformuleerd in het wetsvoorstel en dat dit kan leiden tot verschillende interpretatiemogelijkheden. Indien bijvoorbeeld het verbod toe ziet op alle winsten, zou de groepssolvabiliteit van de zorgverzekeraars van 157% naar 108% kunnen dalen. Wanneer enkel toekomstige winsten worden meegenomen in de definitie, kunnen de directe gevolgen meevallen. Daarnaast staan bij financiële zwakte nagenoeg enkel premiestijgingen tot de beschikking van de zorgverzekeraars, nu kapitaal aantrekken zeer moeilijk wordt. Tot slot zouden de zorgverzekeraars waarschijnlijk hun hele bedrijfsvoering moeten aanpassen aan de nieuwe wet.

Novelle

Wanneer de initiatiefnemers precies met de novelle bij het wetsvoorstel komen is nog onduidelijk. In hun brief aan de Eerste Kamer geven Leijten, Bruins Slot en Bouwmeester aan dat zij momenteel nog de adviezen van de NZa en DNB aan het bestuderen zijn. Uiteraard volgt het Loyens & Loeff Zorgteam deze ontwikkelingen op de voet.