Deze nieuwsflash bevat recente juridische en fiscale informatie die van belang is voor wie als bestuurder, manager, aandeelhouder of investeerder betrokken is bij een vennootschap of onderneming.

Aandelenopties aan zaakvoerders van managementvennootschappen – fiscus neemt standpunt in.

De belastingadministratie heeft onlangs duidelijkheid verschaft over het fiscale regime voor aandelenopties die worden toegekend aan de zaakvoerder van een managementvennootschap door de vennootschap aan wie de managementvennootschap haar prestaties levert (Omzendbrief van 13 april 2017).

Eind 2016 was er – door een aantal verklaringen van de Minister van Financiën – immers twijfel gerezen of het voordelige belastingregime voor aandelenopties überhaupt wel kon toegepast worden indien de manager niet zelf diensten levert aan de vennootschap die de aandelenopties toekent, maar hiervoor zijn managementvennootschap gebruikt. In dit laatste geval is immers niet voldaan aan de wettelijke voorwaarde dat de opties betrekking moeten hebben "op aandelen van de vennootschap ten behoeve van wie de beroepswerkzaamheid wordt uitgeoefend" (art. 43, Wet 26 maart 1999). De zaakvoerder levert immers niet zelf zijn beroepswerkzaamheden, maar gebruikt hiervoor zijn managementvennootschap.

De Omzendbrief geeft op dit vlak nu duidelijkheid, en bevestigt principieel de gunstige fiscale regeling voor aandelenopties die worden toegekend aan de zaakvoerder van de managementvennootschap die de diensten verricht. In een dergelijk geval wordt de fiscale waarde van het "voordeel van alle aard" dat door de aandelenoptie aan de zaakvoerder wordt toegekend, bij hem/haar vastgesteld op 18% van de waarde van het onderliggende aandeel.

Het "volgaandeel" – een effect "op maat" voor bepaalde investeerders

Wilt u effecten uitgeven waarvan het recht op dividend afhangt van het resultaat van bepaalde divisies of bedrijfstakken in uw bedrijf? Een oplossing is mogelijk in de vorm van volgaandelen, ook bekend onder hun Engelse naam: "tracking stocks".

Deze effecten bieden de gelegenheid aan hun houders om beloond te worden in functie van de resultaten van een welbepaald onderdeel van de onderneming (bijvoorbeeld een bedrijfstak, productielijn, dochteronderneming,…), en dus niet in functie van de resultaten van de ganse onderneming. De resultaten van een ander-onderdeel van het bedrijf hebben dus geen enkele invloed op de beloning van de "volgaandeelhouders".

De voordelen die vanuit dit systeem voortvloeien zijn divers. Volgaandelen zijn onder andere een middel om de waarde van een onderdeel van het bedrijf te individualiseren en op die manier de toegang tot krediet of investeringskapitaal gemakkelijker te maken. Volgaandelen kunnen ook gebruikt worden als een motiveringsinstrument voor het management dat deelneemt in het kapitaal van de onderneming. Bovendien, kan bij een acquisitie, de ruil van volgaandelen door de overnemende vennootschap de verwatering van de effecten van de aandeelhouders van het verkochte bedrijf voorkomen.

Volgaandelen zijn gegroeid uit de rechtspraktijk en worden tot op heden eerder zeldzaam gebruikt. Toch bieden ze heel wat voordelen en mogelijkheden, en laten toe een beloning "op maat" voor bepaalde investeerders of leden van het management te voorzien.

Nieuwe regeling "inbrengmeerwaarden": ook van toepassing bij verkoop van aandelen?

Vanaf 1 januari 2017 geldt een nieuwe regeling voor "inbrengmeerwaarden". Het gaat hier om een meerwaarde op aandelen die een natuurlijk persoon realiseert bij inbreng in een Belgische of buitenlandse vennootschap, en die voor hem of haar onbelast blijft omdat ze wordt vrijgesteld in het kader van "normale verrichtingen van beheer van een privé-vermogen" (art. 90, eerste lid, 9°, eerste streepje WIB). De nieuwe regeling houdt concreet in dat bij de vennootschap die de inbreng ontvangt, de ingebrachte aandelen slechts als fiscaal kapitaal worden beschouwd ten belope van de aanschaffingswaarde ervan bij de inbrenger (i.p.v. ten belope van de inbrengwaarde).

Maar wat bij een verkoop van de aandelen i.p.v. een inbreng? Geldt de nieuwe regeling hiervoor ook?

In principe niet. De wettekst spreekt immers duidelijk en uitsluitend van een "inbreng van aandelen" (art. 184, derde lid WIB). Verkopen of andere overdrachten vallen daar dus niet onder.

De Raad van State wees er bij de invoering van de nieuwe regeling trouwens zelf op dat belastingplichtigen geneigd zouden kunnen zijn de nieuwe regeling te vermijden door de aandelen niet in te brengen, maar wel te verkopen aan hun vennootschap, eventueel zonder onmiddellijke betaling van de verkoopprijs. Nadien kan de schuldvordering betreffende de openstaande verkoopprijs, worden omgezet in kapitaal. Op die manier kan dan toch een hoger fiscaal kapitaal ontstaan bij de vennootschap die de inbreng ontvangt. Volgens de Minister van Financiën past een dergelijke "constructie" echter niet binnen het normaal beheer van een privépatrimonium, en kan trouwens gesanctioneerd worden door de algemene antimisbruikbepaling van art. 344 WIB (MvT, nr. 54-2208/001, 16 - 48).