Regelmatig worden door mededingingsautoriteiten boetes opgelegd aan ondernemingen voor overtredingen van het kartelverbod. Benadeelden van een kartel voeren steeds vaker civiele procedures om hun schade te verhalen op de kartellisten.

Wet privaatrechtelijke handhaving mededingingsrecht Afgelopen week is de wet privaatrechtelijke handhaving mededingingsrecht in werking getreden. Deze wet implementeert de bepalingen uit de Europese Kartelschaderichtlijn (2014/104/EU).

Nederland als jurisdictie voor kartelschadezaken Nederland wordt door benadeelden vaak gezien als een aantrekkelijke jurisdictie voor het voeren van kartelschadezaken. De Implementatiewet moet het voor benadeelden eenvoudiger maken om schade op kartellisten te verhalen. Dit zal waarschijnlijk leiden tot een toename van het aantal kartelschadezaken in Nederland.

Belangrijke onderdelen van de Implementatiewet De Implementatiewet legt onder meer wettelijk vast dat een kartel wordt vermoed schade te veroorzaken (artikel 6:193l BW) en dat een kartellist het verweer kan voeren dat een benadeelde de door het kartel veroorzaakte meerkosten heeft doorberekend aan zijn eigen afnemers (het doorberekeningsverweer, artikel 6:193p BW). Ook is vastgelegd dat karteldeelnemers – behoudens enkele uitzonderingen – ieder voor het geheel van de door het kartel veroorzaakte schade aansprakelijk zijn (artikel 6:193m BW). De Implementatiewet bevat daarnaast onder meer regels over de gevolgen van een schikking (artikel 6:193o BW), de verjaringstermijn en verlenging daarvan (artikelen 6:193s en 6:193t BW), de bindende bewijskracht van een onherroepelijk besluit van de ACM (artikel 161a Rv) en de toegang tot documenten (artikelen 844-850 Rv). Voor de volledige tekst van de wet verwijzen wij naar de publicatie in het Staatsblad.