De Eerste Kamer heeft op 28 maart jl. ingestemd met het voorstel dat de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (Wml) ook van toepassing wordt op nader bepaalde overeenkomsten van opdracht.

Achtergrond

Overeenkomsten van opdracht worden veelvuldig gebruikt als contractvorm voor ZZP’ers en freelancers. Deze constructie kwam echter een aantal jaar geleden in opspraak omdat de overeenkomst van opdracht werd gebruikt om postbezorgers minder te betalen dan het wettelijk minimumloon. Met dit wetsvoorstel wil de regering zelfstandigen meer bescherming bieden en een einde maken aan het omzeilen van het minimumloon.

Als gevolg van dit wetsvoorstel zullen ook opdrachtnemers die werkzaam zijn op grond van een overeenkomst van opdracht, voortaan recht hebben op minimumloon. Volgens (demissionair) minister Asscher gaat dit om ongeveer 50.000 werkenden.

Uitzondering

Opdrachtnemers die fiscaal als ondernemer worden beschouwd blijven buiten de toepassing van de Wml. Deze opdrachtnemers hebben doorgaans verschillende opdrachtgevers en zijn daarom in de ogen van de regering minder kwetsbaar.

Tip voor de praktijk

Opdrachtgevers die het wettelijk minimumloon (vanaf 1 januari 2017: € 1.551,60 voor werknemers van 23 jaar of ouder) of meer betalen, hoeven geen actie te ondernemen. Opdrachtgevers die echter minder willen betalen dan het minimumloon doen er goed aan om te controleren of de zelfstandige handelt uit hoofde van beroep of bedrijf. Dat kan door van de zelfstandige bewijs te verlangen dat hij verschillende opdrachtgevers heeft, aantoonbaar aan acquisitie doet en zich als zelfstandig ondernemer presenteert.

Eric van Dam (evd@clintlegal.com / +31 20 820 0330)