Op 29 april 2013 werd de wet betreffende de door de advocaten van de partijen medeondertekende onderhandse akte goedgekeurd. Deze wet, die in werking is getreden op 13 juni 2013, betekent het debuut van de “advocatenakte” die in het leven werd geroepen onder het motto van het verzekeren van extra rechtszekerheid voor de rechtsonderhorige en het ontlasten van de rechtbanken door bepaalde dossiers buiten de gerechtelijke sfeer te halen, wat zou moeten bijdragen tot het wegwerken van de gerechtelijke achterstand.

Artikel 2 van de wet beschrijft de advocatenakte als een onderhandse akte die door de advocaten van alle betrokken partijen wordt medeondertekent en een volledig bewijs oplevert van het geschrift en van de handtekening van de bij de akte betrokken partijen, zowel onderling als tegenover hun erfgenamen of rechtverkrijgenden.

In tegenstelling tot een authentieke akte verleden voor de notaris die zowel tussen partijen als ten aanzien van derden geniet van een bijzondere bewijswaarde, heeft deze nieuwe akte enkel gevolgen tussen partijen en hun rechtsopvolgers. Het voornaamste gevolg is dat het voor extra waarborgen zorgt met betrekking tot de handtekeningen en de inhoud van de overeenkomst. Daar waar bij een gewone onderhandse akte een partij die zich wenst te beroepen op deze akte het bewijs moet leveren van de echtheid van het geschrift, geniet de advocatenakte van een omkering van de bewijslast. Het zal aan de tegenpartij zijn om op grond van de valsheidsprocedure van artikel 895 en volgende van het gerechtelijk wetboek aan te tonen dat het stuk in kwestie vals is.

Daarnaast bepaalt artikel 3 van de wet dat door de akte mede te ondertekenen, de advocaat verklaart dat hij de partij of partijen die hij bijstaat, volledig heeft ingelicht over de rechtsgevolgen van de akte. Hierdoor zullen partijen niet zomaar kunnen inroepen dat ze de rechtsgevolgen van de akte niet hebben gewenst. Langs de andere kant zorgt dit eveneens voor een bijkomende verantwoordelijkheid van de advocaten in kwestie, wat aanleiding zou kunnen geven tot een verhoging van de beroepsaansprakelijkheid van de betrokken advocaten.

Hoewel het verbeteren van de rechtszekerheid en het preventief vermijden van betwistingen om de gerechtelijke achterstand weg te werken nobele doelstellingen zijn, lijkt de wet in kwestie echter eerder beperkte gevolgen te hebben. De figuur van de authentieke akte blijft immers een krachtiger alternatief aangezien het zowel door de partijen als door derden gerespecteerd moet worden.

Ook de vermelding dat de betrokken partijen door hun advocaten werden ingelicht over de rechtsgevolgen van de akte lijkt in de praktijk voor weinig bijkomende zekerheid te zullen zorgen. Aangezien er slechts sprake kan zijn van een advocatenakte indien iedere betrokken partij met tegengestelde belangen een eigen advocaat heeft, impliceert dit dat de overeenkomst sowieso reeds voldoende evenwichtig en duidelijk zou moeten zijn. De wet heeft op dit vlak dan ook weinig toegevoegde waarde. Ook de eventuele verhoogde beroepsaansprakelijkheid van de advocaten wordt niet verder toegelicht, waardoor bepaalde advocaten mogelijks niet geneigd zullen zijn om de akte mee te ondertekenen uit vrees voor de mogelijke gevolgen.