In de zorg-farma staat in 2018 veel op stapel. Zo wordt in 2018 beslecht of en wanneer de beoogde overheveling plaats heeft van taken als de zorgspecifieke fusietoets van de Nederlandse Zorgautoriteit (“NZa”) naar de Autoriteit Consument & Markt (“ACM”). Vragen die de werking van het zorgstelsel raken over de wijze van toetsing van zorgfusies, de wachtlijsten, de zorgplicht en de vergoeding van (on)gecontracteerde zorg staan hoog op de agenda in 2018. Tegen die achtergrond neemt de druk op de NZa en ACM om tijdig en effectief toezicht te houden in 2018 verder toe.

Zorgfusies: lage (omzet)drempels blijven van kracht en niet (tijdig) melden wordt beboet

De trend dat vanuit de overheid en de NZa en ACM zorgfusies worden ontmoedigd, zet in 2018 door. Zo deed zich in 2017 de kans voor te komen tot andere drempels voor zorgfusies bij ACM. Die kans werd, concrete suggesties ten spijt, door het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (“EZK”) niet benut. Het ministerie EZK verlengde eind 2017 de verlaagde omzetdrempels weer met vijf jaar tot 2023. Tegelijk zal de beoogde overheveling van de zorgspecifieke fusietoets van de NZa naar ACM niet voor 1 januari 2019 plaatsvinden. Zo blijft er naar alle waarschijnlijkheid in 2018 sprake van een dubbele zorgfusietoetsing door de NZa en ACM. Eind 2017 beboette de NZa voor het eerst een zorgaanbieder voor het niet tijdig melden van een transactie. In 2018 blijft het dus van belang tijdig na te gaan of de lage drempels die gelden bij toetsing door de NZa en ACM van zorgconcentraties worden gehaald. Waar de NZa meldde gun jumping te sanctioneren, kondigde ACM aan mogelijk eerder ziekenhuisfusies te willen verbieden. ACM komt tot dit signaal nu uit onderzoek zou volgen dat prijzen relatief gezien stijgen als effect op prijs en volume van ziekenhuisfusies. Het signaal van ACM over kritische toetsing van ziekenhuisfusies laat onverlet dat ook in 2018, net als in 2017, zorgfusies met hoge marktaandelen groen licht kunnen krijgen. De Mededingingswet is vooralsnog ongewijzigd en ACM moet derhalve ook in 2018 voor iedere individuele zorgfusie kunnen demonstreren dat er als gevolg van die fusie sprake is van significante beperking van de mededinging alvorens die fusie te kunnen verbieden. Opvallend in dat kader is dat ACM´s eigen onderzoek ook lijkt uit te wijzen dat er fusies zijn waarbij de prijsstijgingen niet aan de orde waren. Wat daar ook van zij, ACM kan ook in 2018 niet ontkennen dat uit eigen onderzoek is op te maken (zie hier, hier, hier, hier) dat de inkoopmacht van zorgverzekeraars in 2018 niet afneemt en zorgverzekeraars net als in 2017 bij fusies compenserende inkoopmacht kunnen uitoefenen.

Zorgverkoop: handhaving Regeling zorginkoop, zorgplicht zorgverzekeraars, hinderpaalcriterium en transparantie door zorgverzekeraars zijn aandachtspunten in 2018

De overheid zet in op gecontracteerde in plaats van ongecontracteerde zorg. Daarbij zal in 2018 de trend om te komen tot meerjarenovereenkomsten toenemen. Hiermee neemt voor de zorgaanbieder het belang toe om tijdig de rechten van een zorgaanbieder tijdens het zorgverkoopproces te kennen en wellicht ook de mogelijkheden tot samenwerking bij de zorgverkoop te verkennen. Zie in dat kader de 12 tips bij zorgverkoop en voor een toelichting op de ontwikkeling bij aanbestedingen bij de zorginkoop, deze blog.

In 2017 ageerden zorgaanbieders tegen een (te laag) omzetplafond en moest de NZa bemiddelen bij de zorginkoop in de GGZ. Waar eerstelijnszorgaanbieders tevergeefs bij de NZa hun onvrede uitten over te lage tarieven, benadrukte ACM net als eerder dat een collectieve boycot van een contract van een zorgverzekeraar strijdig is met de concurrentieregels. Dat betekent niet dat zorgaanbieders ten opzichte van zorgverzekeraars bij het contracteerproces in 2018 met lege handen staan. Zorgaanbieders en hun brancheverenigingen kunnen de NZa net als eerder verzoeken handhavend op te treden tegen zorgverzekeraars. Eind 2017 beboette de NZa naar aanleiding van een handhavingsverzoek De Friesland Zorgverzekeraar voor het overtreden van de NZa Regeling Transparantie zorginkoopproces Zvw (“Regeling zorginkoop”). De dwingende regels die zorgverzekeraars op grond van die regeling in acht hebben te nemen zijn met ingang van 2018 aangevuld.

Hoewel de NZa zich in 2017 nog tevreden toonde over de zorginkoop door zorgverzekeraars, werd de NZa in 2017 ook geconfronteerd met de realiteit. De problemen met wachtlijsten stapelen zich op en gaan niet of onvoldoende weg, zo erkent ook de NZa. De NZa verwacht in het kader van haar toezicht op de zorgplicht dat zorgverzekeraars zich actief inzetten om wachttijden binnen de Treeknormen te krijgen. De NZa stelt met haar nieuwe Beleidsregel toezichtkader zorgplicht in te zetten op een meer actieve vorm van toezicht. De roep om de NZa daad bij het woord te laten voegen, wordt in 2018 steeds luider. Zorgaanbieders doen er indachtig de toezichtstijl van de NZa goed aan dreigende schending van de zorgplicht tijdig bij de NZa te melden. In 2018 staat de discussie over het inperken van de vrije artsenkeuze, ofwel artikel 13 Zorgverzekeringswet weer op de agenda. Ook rijst in 2018 de vraag hoelang de NZa en ACM zorgverzekeraars nog ongemoeid hun gang laten gaan met informatieverstrekking over polissen en de vergoeding voor niet-gecontracteerde zorg. Het ligt voor de hand dat de wijze waarop ACM inzet op handhaving van regels over de juiste prijsvermelding bij vliegtickets, pakketreizen en vakantiewoningen op enig moment ook de zorgsector gaat raken. De NZa en ACM signaleerden zelf dat het de consument niet duidelijk is welk bedrag bijbetaald moet worden als zorg wordt afgenomen van een niet gecontracteerde zorgaanbieder. Dat geldt met name wanneer de zorgverzekeraar in dat kader verwijst naar een vergoeding gebaseerd op een percentage van een door de zorgverzekeraar gemiddeld gecontracteerd tarief.

Dure geneesmiddelen: misbruik machtspositie?

In 2017 meldde de Europese Commissie te onderzoeken of bij de verkoop van dure geneesmiddelen het hanteren van excessieve prijzen als misbruik machtspositie kwalificeert. In verschillende landen zoals Verenigd Koninkrijk en Frankrijk lopen onderzoeken naar prijsvorming van (dure) geneesmiddelen. Wij verwachten dat in 2018 de belangstelling van Europese mededingingsautoriteiten voor dit onderwerp toeneemt. Nederland lijkt daar niet bij achter te kunnen blijven. Het Regeerakkoord vermeldt dat de geneesmiddelenindustrie wordt gestimuleerd en waar nodig aangezet tot een lagere prijsstelling. Voorts kondigde minister Bruins na aanleiding van een advies van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving aan de mogelijkheden voor het gebruik van dwanglicenties voor geneesmiddelenproducenten na te gaan. Minister Bruins meldde die optie met nadruk uitgebreid te verkennen. Ook treedt minister Bruins met ACM in overleg over of hoge prijzen voor nieuwe geneesmiddelen kwalificeren als misbruik van een machtspositie. Wij verwachten dat ACM gezien eerdere ervaringen niet snel uit eigen beweging handhavend zal optreden. ACM zal in ieder geval verwijzen naar ACM’s eerdere bevindingen over dit onderwerp. In dat kader meldde ACM: “dat soms een merkfabrikant kan worden aangepakt via de Mededingingswet. Soms kan dat niet en zijn ook andere partijen aan zet om de kosten voor geneesmiddelen in de hand te houden”. Bij dat laatste punt zal ACM blijven wijzen op de mogelijkheden die ACM ziet voor gezamenlijke inkoop van geneesmiddelen. Het voorgaande neemt niet weg dat de ontwikkelingen in het mededingingstoezicht vanuit Brussel en andere EU lidstaten (op termijn) ook effect op de geneesmiddelenmarkt in Nederland kunnen sorteren.