Vanaf de inwerkingtreding van de wet van 3/04/2014 tot omzetting van de AIFM-richtlijn, zullen vastgoedbevaks aan de bijkomende wettelijke omkadering van de Alternative Investment Fund Managers (AIFM) moeten voldoen.

Volgens de AIFM-richtlijn moeten AIFM onder andere aan bepaalde vereisten voldoen, in het bijzonder op het vlak van de beheerstructuur, het aanvangskapitaal, het eigen vermogen en de effectieve leiding.

Op 22/4/2014 heeft de Kamer van het Belgische Federaal Parlement een wetsontwerp gestemd die vastgoedondernemingen, waaronder vastgoedbevaks, de mogelijkheid geeft zich niet als Alternative Investment Fund (AIF) te laten bestempelen, indien zij zich op de volgende vlakken van een AIF onderscheidt:

  • Zij streeft een algemeen commercieel of industrieel doel na;
  • Zij streeft een bedrijfsstrategie na die gebaseerd is op het bijdragen aan langetermijnwaarde;
  • Zij trekt financiële middelen aan voor haar algemene bedrijfsdoeleinden in functie van de noden die voortvloeien uit haar bedrijfsstrategie op lange termijn en niet om ze te beleggen overeenkomstig een beleggingsbeleid dat bepaald is in het belang van haar beleggers of om te beleggen in een pooled return strategie;
  • Zij handelt niet in het uitsluitend belang van de aandeelhouders, maar, net als iedere andere operationele/commerciële onderneming, in het belang van de vennootschap. 

De huidige vastgoedbevaks beschikken over een eenmalig tijdvak van 4 maanden, te rekenen vanaf de inwerkingtreding ervan, om bij de FSMA een vergunning als gereglementeerd vastgoedvennootschap aan te vragen. Binnen de 3 maanden na de beslissing waarbij de FSMA de vergunning verleent, dient de algemene vergadering van de vastgoedbevak zich over de noodzakelijke statutenwijziging uit te spreken. 

De omzettingsprocedure voorziet een uittredingsrecht voor de bestaande aandeelhouders.

In de hypothese waarin de algemene vergadering van de vastgoedbevak de voorgestelde statutenwijziging goedkeurt, kan elke aandeelhouder die tegen dit voorstel heeft gestemd, zijn recht van uittreding uitoefenen, en dit tegen de hoogste prijs tussen:

  • de laatste slotkoers voor de publicatie van de oproeping van de aandeelhouders tot de algemene vergadering (in voorkomend geval, met onvoldoende quorum), en 
  • de gemiddelde slotkoers van de dertig kalenderdagen voorafgaand aan de datum van de algemene vergadering die de statutenwijziging goedkeurt. 

Dat recht kan slechts worden uitgeoefend ten belope van min. 100.000 EUR, rekening houdend met de prijs waartegen de uittreding wordt uitgeoefend, en voor zover het om aandelen gaat waarmee hij tegen het voorstel heeft gestemd, en waarvan hij ononderbroken eigenaar is gebleven vanaf de dertigste dag voorafgaand aan de algemene vergadering. 

Met het oog op de uitvoering van het recht van uittreding, zal de vennootschap haar eigen aandelen inkopen of deze aandelen door een derde laten aankopen onder de voorwaarden van artikel 620 en volgende W.Venn.