Inleiding

Vanaf vandaag, 4 november 2014, is het Single Supervisory Mechanism (het "SSM") van kracht. Vanaf nu hebben alle banken met een zetel in een euro-lidstaat te maken met een nieuwe prudentiële toezichthouder: de Europese Centrale Bank (de "ECB"). Het SSM is van toepassing op alle − ongeveer 4.900 − banken die gevestigd zijn in de deelnemende lidstaten.

De ECB zal ten aanzien van 'significante' Nederlandse banken het directe prudentiële toezicht uitvoeren. Ook op de overige Nederlandse banken zal de ECB - via de Nederlandsche Bank ("DNB") - indirect grote invloed uitoefenen. Het SSM is met name gebaseerd op de SSM Verordening (klik hier) en de Framework Regulation (klik hier).

In deze nieuwsbrief, geven wij onze verwachtingen over de praktische gevolgen van het SSM. We bespreken ook de werking van het SSM.

Verwachte gevolgen

Wij voorzien onder meer - in het kort - de volgende concrete gevolgen van het SSM:

  • Banken zullen hun huidige rapportage- en aanvraagprocedures (voor bijvoorbeeld een verklaring van geen bezwaar) moeten aanpassen.
  • Bij de ECB zal naar verwachting een andere toezichtcultuur heersen dan bij DNB: minder een focus op gedrag en cultuur, meer gericht op cijfermatige informatie.
  • Nederlandse significante banken zullen een buitenlandse coördinator en buitenlandse toezichthouders krijgen.
  • De ECB zal gebruikmaken van on-site toezicht wat betekent dat medewerkers van de ECB fysiek bij de bank worden gestationeerd.

Significante banken

Criteria significantie

Het toezicht door de ECB zal direct (op significante instellingen) of indirect (op minder significante instellingen) plaatsvinden. Significantie wordt op groepsniveau vastgesteld.

Als een in een deelnemende lidstaat gevestigde bank (of diens financiële holding) op het hoogste geconsolideerde niveau binnen de consolidatiegroep aan één van de volgende criteria voldoet, kwalificeert zij als significant:

  1. De totale waarde van de activa bedraagt meer dan € 30 miljard.
  2. De verhouding van de totale activa ten opzichte van het Bruto Nationaal Product van de lidstaat van vestiging bedraagt meer dan 20%.
  3. De nationaal bevoegde autoriteit (in Nederland: DNB) merkt een instelling op eigen initiatief aan als significant met het oog op het belang van de instelling voor de nationale economie en de ECB accepteert deze aanwijzing.
  4. De ECB merkt een instelling op eigen initiatief aan als significant omdat die instelling meerdere bancaire dochterondernemingen in andere lidstaten heeft en die grensoverschrijdende activiteiten een significant deel vormen van diens activa.
  5. De instelling heeft steun ontvangen van het European Financial Stability Facility of van het European Stability Mechanism.
  6. De instelling is een van de drie meest significante banken in de lidstaat.

Concreet

De ECB heeft op 4 september jl. een definitieve lijst van significante en minder significante instellingen en groepen gepubliceerd (klik hier). Op dit moment zijn 120 bankengroepen aangemerkt als significant. Deze groepen bestaan uit in totaal ongeveer 1.200 onder toezicht staande entiteiten. Deze banken vertegenwoordigen bijna 85% van de totale bancaire activa in de Eurozone.

Voor Nederland zijn op basis van de bovengenoemde criteria de volgende groepen aangemerkt als significant: (i) ABN AMRO Group N.V., (ii) ING Bank N.V., (iii) Coöperatieve Centrale Raiffeisen-Boerenleenbank B.A., (iv) SNS Reaal N.V., (v) N.V. Bank Nederlandse Gemeenten, (vi) Nederlandse Waterschapsbank N.V. en (vii) RFS Holdings N.V.

Van belang is dat ook alle in een deelnemende lidstaat gevestigde bancaire dochterondernemingen in dezelfde groep als een significante entiteit zijn aangemerkt. Deze vallen dan ook niet alleen op geconsolideerde basis, maar ook op solobasis onder direct toezicht van de ECB.

Dat betekent ten aanzien van Nederland dat bijvoorbeeld banken als Deutsche Bank Nederland N.V. (onderdeel van de Deutsche Bank groep), Bank Insinger de Beaufort N.V. (onderdeel van de BNP Paribas groep) en Theodoor Gilissen Bankiers N.V. (onderdeel van de Precision Capital groep) ook significante banken zijn.

Bevoegde toezichthouder

Significante banken

De ECB zal de directe prudentiële toezichthouder ten aanzien van significante banken zijn. Het dagelijkse toezicht op deze banken zal ook onder leiding van de ECB plaatsvinden.

Minder significante banken

De minder significante banken zullen onder indirect toezicht van de ECB vallen. Het doorlopende toezicht zal, op een aantal uitzonderingen na, nog steeds door de nationale toezichthouders (National Competent Authorities, "NCAs"), in Nederland DNB, worden uitgeoefend. De ECB oefent wel overkoepelend toezicht uit. De ECB zal op ieder moment kunnen besluiten om ook op minder significante banken direct toezicht uit te oefenen om zo de consistente toepassing van hoge toezichtnormen te waarborgen.

Overig bancair toezicht in Nederland

In Nederland blijft de Autoriteit Financiële Markten verantwoordelijk voor het gedragstoezicht op significante banken. DNB behoudt de taken die niet aan de ECB zijn toebedeeld. Denk hierbij aan toezicht op betalingsverkeer en toezicht in het kader van het voorkomen van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme.

Taken en bevoegdheden ECB

Significante banken

De toezichttaken- en bevoegdheden van de ECB onder het SSM ten aanzien van significante banken zijn de volgende:

  1. het verlenen en intrekken van bankvergunningen;
  2. het verlenen van verklaringen van geen bezwaar ("vvgb's") voor het verwerven of afstoten van gekwalificeerde deelnemingen in een bank;
  3. het uitoefenen van home state bevoegdheden ingeval banken een bijkantoor wensen te openen of grensoverschrijdende diensten wensen te verrichten in een niet-deelnemende lidstaat;
  4. het toezicht op de naleving van (CRR-)voorschriften met betrekking tot eigen vermogenseisen, securitisaties, grote posten, liquiditeit, hefboomfinanciering en transparantie;
  5. (CRD IV-)voorschriften met betrekking tot integere en beheerste bedrijfsvoering, waaronder onder meer de geschiktheids- en betrouwbaarheidstoetsing van personen verantwoordelijk voor het bestuur, risicobeheersing processen, interne controlemechanismen beloningsbeleid en effectieve internal capital adequacy assessment procedures (de ICAAP);
  6. het uitvoeren van supervisory reviews (het supervisory review and evaluation process, SREP), inclusief regelmatige stresstests;
  7. geconsolideerd toezicht op moederondernemingen van banken, inclusief financiële holdings en gemengde financiële holdings;
  8. aanvullend toezicht op financiële conglomeraten ten aanzien van daarin opgenomen banken; en
  9. toezichtsaken in het kader van herstel- en resolutieplannen en vroegtijdige interventie.

Minder significante banken

De twee eerstgenoemde taken, het verlenen en intrekken van bankvergunningen en het verlenen van vvgb's, zal de ECB ook hebben ten aanzien van minder significante banken. Daarnaast kan de ECB ten aanzien van een minder significante bank besluiten om deze in haar toezicht te betrekken.

Toepasselijk recht

De ECB past in haar toezicht op Nederlandse instellingen Nederlands recht toe.

Organisatie van het toezicht

Supervisory Board

Voor het plannen en uitvoeren van het SSM is bij de ECB de 'Supervisory Board' opgericht. Toezichtbesluiten worden voorbereid door de Supervisory Board. De Supervisory Board bestaat uit:

  1. een voorzitter (Danièle Nouy),
  2. een vicevoorzitter,
  3. vier ECB vertegenwoordigers, en
  4. één vertegenwoordiger van elke NCA (meestal zal dit de eindverantwoordelijke zijn van de toezichtafdeling van die nationale toezichthouder).

Governing Council

De voorbereidende besluiten van de Supervisory Board worden voorgelegd aan de Governing Council van de ECB (de raad van bestuur van de ECB onder voorzitterschap van Mario Draghi). Als de Governing Board geen bezwaar maakt, is het besluit aangenomen.

Administrative Board

De ECB-organisatiestructuur kent ook een Administrative Board waar de onder toezicht staande instellingen bezwaar kunnen maken. Beroep is vervolgens mogelijk bij Hof van Justitie van de Europese Unie.

Joint Supervisory Teams

De Joint Supervisory Teams ("JSTs") vormen de belangrijkste operationele structuur van het SSM. Zij oefenen het dagelijkse toezicht op significante banken uit. De JSTs vallen rechtstreeks onder de verantwoordelijkheid van de Supervisory Board. De ECB zal voor iedere significante bank of groep één JST samenstellen.

Elke JST bestaat uit toezichthouders van de ECB en van de NCA. Een JST wordt gecoördineerd door een personeelslid van de ECB en één of meer subcoördinatoren van de relevante NCAs. De coördinator komt niet uit het land waar de significante bank of groep is gevestigd. De coördinator is verantwoordelijk voor de uitvoering van de toezichttaken en -activiteiten die worden beschreven in het onderzoeksprogramma (het Supervisory Examination Programme), dat wordt opgesteld voor iedere significante instelling of groep.