De OV-Chipkaart blijft de gemoederen bezig houden. In dit verband zijn er twee interessante ontwikkelingen te melden. De eerste is dat de regering op 24 september 2014 een wetsvoorstel naar de Tweede Kamer heeft gestuurd voor de regulering de OV-Chipkaart. De tweede is dat de hoogste bestuursrechter in dit soort zaken, het College van Beroep voor het bedrijfsleven (‘CBb’) op 29 september 2014 een uitspraak (ECLI:NL:CBB:2014:357) heeft gedaan over de geldigheid van de OV-Chipkaart. Daarbij werd de reiziger deels in het gelijk gesteld.

Het is duidelijk dat de regering meer grip wil op de OV-Chipkaart. Het ingediende wetsvoorstel voorziet erin dat de regering regels kan opstellen over Trans Link Systems B.V. (TLS). Dat is de partij die op dit moment in Nederland als enige OV-Chipkaarten uitgeeft. De aandelen worden gehouden door enkele grote vervoersmaatschappijen. De Autoriteit Consument en Markt (‘ACM’) stelde na onderzoek dat vervoerders die geen aandeelhouder van TLS zijn knelpunten ervaren met betrekking tot de hoogte van de tarieven voor betaaldiensten, een gebrek aan transparantie, een gebrek aan onderhandelingsmacht voor vervoerders en toegang tot de dienstverlening. Bovendien biedt het feit dat uitsluitend vervoerders aandeelhouders zijn in TLS geen waarborg in alle gevallen het belang van de reiziger voorop wordt gesteld. Onderzoeken wezen uit dat na de invoering van de OV-Chipkaart knelpunten ontstonden. Ook die knelpunten wil de regering oplossen.

De oplossing van de regering is dat vervoerders die geen aandeelhouder zijn van TLS wettelijk toegang kunnen krijgen tot TLS. Nu is het zo dat vervoersmaatschappijen die géén aandeelhouder zijn van TLS in principe maar moeten afwachten of TLS bereid is om met hen een overeenkomst aan te gaan. De regering vindt dat geen wenselijke situatie. Ook wil de regeling nagaan of de tarieven die TLS in rekening brengt wel op kosten zijn gebaseerd. Ten slotte wil de regering maatstaven en procedures kunnen regelen voor de verdeling van opbrengsten uit het gebruik van de OV-Chipkaart. TLS verdeelt de opbrengst van de OV-Chipkaart over de vervoerders. Ook dat is nu allemaal contractueel geregeld.

Ook wil de regering regels kunnen stellen over een aantal gesignaleerde knelpunten bij de invoering van de OV-Chipkaart. Deze knelpunten zijn bijvoorbeeld het dubbel opstap tarief en het meervoudig in- en uitchecken in de treinrailketen. Ook de afstemming van verschillende soorten tarieven en reisproducten verliep niet vlekkeloos. Daarnaast kon ook de klachtenafhandeling en informatievoorziening aan reizigers beter.

De regering wil in het wetsvoorstel uitdrukkelijk geen mogelijkheden geven  om de hoogte van de tarieven in het stad- en streekvervoer vast te stellen. Dat zou namelijk de decentrale tariefvrijheid teniet doen en is in strijd met het decentrale concessiestelsel.

Toezicht op de regels voor TLS wordt gehouden door de ACM, die boetes tot €450.000,= of tot maximaal 1% van de omzet mag opleggen bij overtreding. Toezicht op de regels die betrekking hebben op de samenwerking tussen concessiehouders wordt gehouden door de Inspectie Leefomgeving en Transport.

De OV-Chipkaart was ook onderdeel van een rechterlijke procedure. Een reiziger stelde dat afschaffing van het papieren kaartje in strijd was met de Verordening 1371/2007 die bepalingen bevat omtrent de rechten van reizigers. Een van zijn argumenten was dat er na het inchecken onvoldoende manieren zijn om de gegevens op de OV-chipkaart zichtbaar te maken. Het CBb geeft hem deels gelijk omdat de NS-controleur in de trein niet altijd de gegevens laat zien die op het controleapparaatje zichtbaar zijn. De NS heeft nu een instructie moeten geven aan de conducteurs dat zij de reiziger inzicht moet geven in de informatie op het controleapparaat, maar alleen als deze daarom vraagt. Lezers van deze column zullen dus voortaan van de NS-controleur altijd mogen vragen om de gegevens te zien op het controleapparaat. Weigert de controleur dat, dan is dat strijdig met Verordening 1371/2007. Dat u het weet!

Dit bericht verscheen ook als column in het tijdschrift Nederlands Vervoer – oktober 2014.