Introductie

Afgelopen zomer zijn in een Duitse procedure die aanhangig is gemaakt door de jaren-70 band Kraftwerk vragen gesteld aan de hoogste Europese rechter, het Hof van Justitie van de Europese Unie (“HvJ-EU”). Deze vragen gaan over de reikwijdte van het zogenoemde citaatrecht ¹. In deze bijdrage zal ik ingaan op dit interessante geschil en de vragen die aan het HvJ-EU zijn gesteld. Ook zal ik de Nederlandse rechtspraak bespreken die gaat over sound sampling: het gebruik van fragmenten uit bestaande muziekwerken in nieuwe muziekproducties. Eerst volgt een korte introductie over het auteursrecht en de naburige rechten op muziek en twee uitzonderingen hierop: de incidentele verwerking en het citaatrecht.

Auteursrecht en naburige rechten op muziek

De componist en de tekstschrijver van een muziekwerk hebben in Nederland van rechtswege, dat wil zeggen: zonder daar iets voor te hoeven doen, auteursrecht op de door hen gemaakte werken. Dit recht is vastgelegd in de Auteurswet (“Aw”). Als auteursrechthebbende heb je het uitsluitend recht om de muziek openbaar te maken, bijvoorbeeld door een track op Spotify of YouTube te plaatsen, en om het muziekwerk te verveelvoudigen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het uitgeven van muziek op vinyl of het up- en downloaden van een nummer via een platform als iTunes.

Ook aan de belangen van de uitvoerende artiest is door wetgever gedacht. Op basis van de Wet op de naburige rechten (“WNR”) komt een artiest het exclusieve recht toe om zijn of haar uitvoering van een muziekwerk te exploiteren en het gebruik hiervan door anderen te verbieden.

Uitzonderingen op auteursrecht en naburige rechten

Het auteursrecht en de bijbehorende naburige rechten op muziek zijn niet absoluut en worden begrensd door een aantal uitzonderingen. Logisch, want in sommige gevallen is het vanuit maatschappelijk oogpunt gewenst dat een muziekwerk voor bepaalde doeleinden gebruikt kan worden zonder dat daarvoor eerst toestemming nodig is van de rechthebbende(n).

Zo is er bijvoorbeeld:

  • Een uitzondering in de Aw en WNR opgenomen die het mogelijk maakt om muziek ten behoeve van het onderwijs te gebruiken;
  • Een uitzondering die toestaat dat audiobestanden voor eigen gebruik op computer of smartphone mogen worden opgeslagen;
  • De ‘incidentele verwerking’; en
  • Het citaatrecht.

De laatste twee uitzonderingen zijn in het kader van commercieel gebruik van muziek(samples) het meest relevant en zullen hieronder uitgebreider worden besproken.

De incidentele verwerking en het citaatrecht

Allereerst de incidentele verwerking. Deze uitzondering is opgenomen in artikel 18a Aw en artikel 10 sub h WNR en staat toe dat een klein deel van een auteursrechtelijk beschermd werk dat van ‘ondergeschikte betekenis’ is, mag worden overgenomen in een ander werk. De wetgever neemt als voorbeeld de situatie waarin filmopnames worden gemaakt waarbij terloops de gevel van een winkel, een reclame-uiting of een muurschildering in beeld komt. Deze auteursrechtelijk beschermde werken worden op die manier ‘verwerkt’ in een film.

Ten tweede het citaatrecht dat is vastgelegd in artikel 15a Aw en artikel 10 sub b WNR. Dit recht maakt het mogelijk om een deel van een werk van een ander waar auteursrechten en/of naburige rechten op rusten, te gebruiken bij het creëren van een nieuw werk. Je kunt citeren door een deel van de tekst uit een boek over te nemen, door een (deel van een) foto te gebruiken of door een beeld- en/of geluidsfragment over te nemen. Artikel 15a Aw staat citeren toe onder een aantal voorwaarden waaraan volledig moet worden voldaan:

  • Er moet worden geciteerd in een aankondiging, beoordeling, polemiek, wetenschappelijke verhandeling of een andere uiting met een vergelijkbaar doel;
  • Het werk waaruit wordt geciteerd moet al eerder openbaar gemaakt zijn;
  • Het citaat moet in overeenstemming zijn met hetgeen naar de regels van het maatschappelijk verkeer redelijkerwijs geoorloofd is;
  • Het aantal citaten en de hoeveel die wordt geciteerd moet in verhouding staan met het te bereiken doel;
  • De persoonlijkheidsrechten van de auteursrechthebbende(n) moeten worden gerespecteerd; en
  • De naam van de auteursrechthebbende(n) wordt, voor zo ver mogelijk, vermeld.

Omdat het Nederlands auteursrecht en de bijbehorende naburige rechten voor een groot deel op Europees niveau zijn geregeld, moet bij het citeren ook rekening worden gehouden met Europese wetgeving, in dit geval richtlijn 2001/29/EG en richtlijn 2006/115/EG (de “Richtlijnen”). Artikel 5 lid 5 van Richtlijn 2001/29/EG stelt de volgende aanvullende voorwaarden:

  • Het moet gaan om bijzondere gevallen;
  • Er mag geen afbreuk worden gedaan aan de normale exploitatie van het werk; en
  • De belangen van de auteursrechthebbende(n) mogen niet op een onredelijke wijze worden geschaad.

Na deze juridische introductie zal ik nu ingaan op het geschil dat centraal staat in dit artikel. Daarbij zal ik ook kort de Nederlandse rechtspraak behandelen die gaat over sampling.

Het geschil

De verzoekers in deze procedure zijn de leden van de Duitse band Kraftwerk, een band die bij veel mensen onder andere bekend is van hun grote hit ‘Autobahn’. De groep bracht in 1977 haar 6e studioalbum uit met de titel ‘Trans-Europe Express’ waarop onder meer het nummer ‘Metall auf Metall’ te horen is. Verweerders zijn de componisten van het nummer ‘Nur Mir’ uit 1997, een track die wordt gezongen door Sabrina Setlur.

Verzoekers stellen dat twee seconden van een ritmische herhaling uit Metall auf Metall door de componisten elektronisch is gekopieerd (‘gesampled’), en vervolgens in een doorlopende herhaling onder het nummer Nur mir is gezet. Daarom zou sprake zijn van inbreuk op hun naburige rechten. Ze eisen bij de Duitse rechter staking van het gebruik, een schadevergoeding en afgifte van de fonogrammen zodat deze vernietigd kunnen worden. Verweerders doen (onder meer) een beroep op het citaatrecht.

De Duitse rechter wees de vorderingen in eerste instantie toe waarna door verweerders tevergeefs hoger beroep werd ingesteld tegen deze beslissing. De hoogste Duitse rechter wendt zich nu tot het HvJ-EU met zes vragen over het citaatrecht. De Duitse rechter stelt deze vragen om meer duidelijkheid te krijgen over het citaatrecht en om van het HvJ-EU te horen of en onder welke voorwaarden het gebruik van muzieksamples is toegestaan.

De aan het HvJ-EU gestelde vragen met betrekking tot citeren

Allereerst wordt de vraag gesteld of verweerders door het overnemen van minieme geluidsfragmenten inbreuk hebben gemaakt op de naburige rechten van Kraftwerk.

De tweede vraag die wordt gesteld is of in dit geval sprake is van een ‘kopie’ van een fonogram nu het zo’n kort geluidsfragment betreft.

Vervolgens wordt gevraagd of een wettelijke bepaling die zegt dat een werk naar omstandigheden zonder toestemming van de artiest kan worden gebruikt, wel in overeenstemming is met de Richtlijnen.

Ook wordt de vraag gesteld of succesvol een beroep kan worden gedaan op het citaatrecht wanneer - zoals hier het geval is - niet herkenbaar is dat een werk van een derde wordt gebruikt ².

Verder wordt aan het HvJ-EU gevraagd in hoeverre de lidstaten de bevoegdheid hebben om (met hun eigen wetgeving) de rechten van een fonogrammenproducent tot reproductie en distributie te beperken. Tot slot wordt de vraag gesteld welke rol de grondrechten uit het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie (“Handvest”) spelen bij de reikwijdte van de beperking op de naburige rechten.

Nederlandse rechtspraak over het samplen van muziek

De vragen die zijn gesteld aan het HvJ-EU zijn ook voor het Nederlandse citaatrecht interessant en van belang. Deze beperking op het auteursrecht en de naburige rechten moet namelijk ook aan de Europese wetgeving voldoen. Zijn de componisten van Nur Mir te ver gaan door een specifiek, voor het nummer misschien wel bepalend, geluidsfragment in herhaling over te nemen? Is hier wel sprake van een citaat of is een muziekfragment van twee seconden daarvoor te kort? En maakt het voor een succesvol beroep op het citaatrecht uit of terug te horen is uit welk muziekwerk wordt geciteerd?

Interessant in het licht van bovenstaande vragen is hoe de Nederlandse rechter op dit moment omgaat met het gebruik van samples van muziek.

Incidentele verwerking van muziek

In 2014 oordeelde de rechtbank Noord-Holland dat een kort fragment van het lied ‘La ballade des Gens Heureux’ niet mocht worden gebruikt in de speelfilm ‘Verliefd op Ibiza’ zonder dat daarvoor een gebruiksvergoeding werd betaald.

Hoofdrolspeler Jim Bakkum zong in de film gedurende vijf seconden een strofe uit het lied. De producent weigerde hiervoor een vergoeding aan Buma/Stemra te betalen. Hij stelde dat sprake was van incidentele verwerking, omdat het zou gaan om gebruik van ‘ondergeschikte betekenis’. De rechtbank ging hier niet in mee. De rechtbank vond het van belang dat de makers van de film bewust voor deze zin uit dit nummer hadden gekozen en dat het nummer bijdroeg aan één van de verhaallijnen uit de speelfilm. De rechtbank citeerde in haar vonnis de wetgever die ook al aangaf dat het bewust samplen van muziek niet behoort te vallen onder de incidentele verwerking.

Een succesvol beroep op de uitzondering van de ‘incidentele verwerking’ is aldus bij sampling naar alle waarschijnlijkheid uitgesloten. Hoe zit het met het citaatrecht? Biedt dat wel een juridische grondslag voor sampling?

Het citeren van muziek

De Nederlandse rechter heeft zich tot nu toe helaas nog niet uitgesproken over de toelaatbaarheid van het gebruik van muzieksamples onder het citaatrecht. De standaardrechtspraak betreffende het citaatrecht gaat over de toelaatbaarheid van het gebruik van foto’s. Zo werd in het arrest Zienderogen Kunst uit 1990, waarbij het ging over het gebruik van foto’s in een schoolboek, door de Hoge Raad bepaald dat een citaat geen afbreuk mag doen aan de belangen van de auteursrechthebbende(n) en dat het citeren niet in mag indruisen tegen de normale exploitatie van het werk. Verder oordeelde de Hoge Raad in 1992 in het Damave-Trouw-arrest dat het gebruik van een foto op basis van het citaatrecht alleen toelaatbaar is als tussen de foto en de tekst een inhoudelijk verband bestaat en het geciteerde werk niet alleen maar wordt gebruikt ter versiering. Deze laatste uitspraak betrof het gebruik van een foto van een boek bij een recensie in het Algemeen Dagblad.

Conclusie

De toelaatbaarheid van muzieksampling onder het citaatrecht zal in elk geval afhangen van de vraag of aan de wettelijke vereisten voor citeren is voldaan en of het samplen plaatsvindt in overeenstemming met de standaardrechtspraak. Een van de lastige punten is of het gebruik van een sample niet indruist tegen de ‘normale exploitatiebelangen’ van de auteursrechthebbende. Het nieuwe nummer dat de sample bevat zal immers vaak op dezelfde commerciële wijze worden gebruikt als het origineel. Ook is lastig aan te geven welk gebruik (5, 10 of 30 seconden van een nummer) ‘proportioneel’ is.

Naar mijn mening heeft Kraftwerk in dit geval, ondanks dat het een korte sample van twee seconden betreft, toch een punt en is hier wel sprake van inbreuk. De herkenbare beat uit Metall auf Metall is bijna een-op-een overgenomen en bovendien in het hele nummer Nur Mir te horen. Wie de nummers achter elkaar luistert, kan lastig om de gelijkenis heen.

Het antwoord op de vraag of hier sprake is van een geoorloofd citaat valt, bij gebrek aan voldoende juridische handvaten, lastig te voorspellen. Het is daarom met spanning afwachten op de antwoorden van het HvJ-EU. Hopelijk vindt het HvJ-EU een goede balans tussen enerzijds de exploitatiebelangen van de rechthebbenden en anderzijds het algemeen belang om bij het creëren van nieuwe muziekwerken inspiratie op te doen uit bestaande muziek.