In een uitspraak van 4 april 2018 oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, anders dan voorheen, dat een proceskostenveroordeling van het bestuursorgaan ook mogelijk is als het hoger beroep slaagt terwijl het bestreden besluit rechtmatig is.

Wanneer het beroep tegen een besluit slaagt en het bestreden besluit wordt vernietigd, dan wordt het bestuursorgaan in de kosten veroordeeld. In hoger beroep staat echter niet het bestreden besluit centraal, maar de uitspraak van de rechtbank. Wie draait in hoger beroep op voor de proceskosten wanneer het hoger beroep slaagt vanwege een gebrek in de uitspraak van de rechtbank, terwijl het besluit van het bestuursorgaan uiteindelijk toch in stand blijft?

De lijn van de Afdeling tot nu toe

Door de Afdeling werd tot nu toe bij de toepassing van artikel 8:75 Awb als regel het uiteindelijke oordeel over de rechtmatigheid van het bestreden besluit bepalend geacht voor het antwoord op de vraag of een proceskostenveroordeling ten laste van het bestuursorgaan moet worden uitgesproken. Is enkel sprake van een onjuist oordeel van de rechtbank, maar is het bestreden besluit rechtmatig, dan blijft een kostenveroordeling achterwege (vergelijk ABRvS 20 september 1999, ECLI:NL:RVS:1999:ZF3904, JB 1999/271). Deze benadering is in de literatuur wel bekritiseerd.

De andere hoogste bestuursrechters

In de rechtspraak van de andere hoogste bestuursrechters wordt een andere koers gevaren. In die rechtspraak is niet bepalend of het bestreden besluit in rechte standhoudt, maar of een rechtsmiddel tegen de uitspraak van de rechtbank met succes is ingesteld, ongeacht of het bestuursorgaan debet is aan het gebrek in de rechtbankuitspraak (bijvoorbeeld HR 13 januari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV0659; CRvB 6 februari 1996, ECLI:NL:CRVB:1996:ZB5921, AB 1996/127).

De Afdeling gaat om

De Afdeling heeft zich in de uitspraak van 4 april 2018 vanuit rechtseenheidsoogpunt bij de lijn van de andere hoogste bestuursrechters aangesloten. Dit betekent dat in geval het hoger beroep slaagt, de kosten van dit beroep in beginsel voor risico van het bestuursorgaan komen, ook als het door het bestuursorgaan genomen besluit rechtmatig wordt bevonden. Deze koerswijziging kan worden toegejuicht: het kan niet zo zijn dat de appellant die met succes hoger beroep instelt, desondanks niet zijn proceskosten vergoed krijgt.

Proceskostenveroordeling van de Staat?

Het is op dit moment alleen mogelijk de proceskostenveroordeling uit te spreken jegens het verwerende bestuursorgaan. Dit betekent dat het bestuursorgaan opdraait voor het falen van de rechtbank die als organisatie deel uitmaakt van de Staat. In de literatuur wordt soms betoogd dat de proceskosten voor rekening van de Staat zouden moeten komen. De Afdeling overweegt dat artikel 8:75 Awb in zijn huidige vorm daarvoor niet de mogelijkheid geeft. Indien de wetgever het onwenselijk zou vinden dat het bestuursorgaan in de proceskosten wordt veroordeeld, ligt het op diens weg de wet aan te passen, aldus de Afdeling.