Op 9 april 2014 publiceerde de Europese Commissie het voorstel voor de introductie van de Societas Unius Personae, een één-aandeelhoudervennootschap (de ‘SUP’) (COM 2014/212). Het doel van het voorstel is om met deze nieuwe rechtsvorm beperkingen van de vrijheid van vestiging weg te nemen bij het oprichten van een dochtervennootschap in een andere lidstaat. 

In het voorstel worden lidstaten verzocht in hun nationale recht een vorm van vennootschapsrecht op te nemen die in alle lidstaten dezelfde regels volgt. Er wordt geen nieuwe supranationale rechtsvorm voor de eenpersoonsvennootschap in het leven geroepen maar bestaande nationale regels zullen moeten worden geharmoniseerd. Naast deze bijzondere SUP bepalingen - die voor elke lidstaat hetzelfde zullen zijn - zal de SUP echter voornamelijk worden geregeerd door nationaal recht. Het valt dan ook te betwijfelen of de door de Europese Commissie beoogde verlaging van de oprichtings- en bedrijfskosten met dit voorstel daadwerkelijk zal worden bereikt.

De belangrijkste elementen van het voorstel zijn:

  • De SUP ontstaat door omzetting van bepaalde nationale rechtspersonen of door oprichting door een natuurlijke of rechtspersoon.
  • De SUP kan slechts één aandeelhouder hebben, mag slechts één aandeel uitgeven, en het minimum-kapitaal bedraagt één euro.
  • Er bestaat een standaard voor de bepalingen die in ieder geval in de statuten van een SUP moeten worden opgenomen.
  • De SUP verkrijgt rechtspersoonlijkheid door registratie bij het handelsregister en wordt geregeerd door het recht van de lidstaat waar zij is geregistreerd.
  • De registratie van de SUP moet volledig elektronisch kunnen geschieden zonder dat de oprichter fysiek aanwezig hoeft te zijn in de lidstaat waarin de registratie plaats moet vinden. Om de snelle oprichting van ondernemingen mogelijk te maken, dient de inschrijving van de SUP binnen drie werkdagen te zijn voltooid.
  • Een uitkering aan de aandeelhouder kan slechts plaatsvinden op voorstel van het bestuur. Een toereikende bescherming van crediteuren wordt gewaarborgd door een balanstest en een solvabiliteitsverklaring.
  • De enig aandeelhouder heeft het recht instructies te geven aan het bestuur.

Voor meer informatie over dit voorstel verwijzen wij naar onze Corporate Alert van 8 mei 2014.