Regelmatig krijgen wij van werkgevers de vraag of zij de rekening voor schade aan een bedrijfswagen kunnen doorsturen naar de werknemer die de schade veroorzaakt heeft, bijvoorbeeld in geval de verzekeringsmaatschappij weigert tussen te komen.

Voor het antwoord op deze vraag is het noodzakelijk te weten of de schade veroorzaakt werd tijdens of buiten de uitvoering van de arbeidsovereenkomst.

  1. Tijdens de uitvoering van de arbeidsovereenkomst

Wanneer een werknemer een ongeval veroorzaakt met zijn bedrijfswagen tijdens de uitvoering van zijn arbeidsovereenkomst, speelt de aansprakelijkheidsbeperking van artikel 18 van de Arbeidsovereenkomstenwet (WAO). Concreet houdt dit in dat de werkgever zijn schade alleen kan verhalen op de werknemer in geval de schade het gevolg was van bedrog, een zware fout of een herhaaldelijke lichte fout in hoofde van de werknemer. Is dat niet het geval, dan dient de werknemer niet op te draaien voor de schade.

In geval van schade aan een bedrijfswagen zal de vraag meestal zijn of er sprake is van een zware fout. Aangezien de rechtspraak vaak streng is bij de beoordeling van het begrip zware fout, kan de werkgever soms in de kou blijven staan, bijvoorbeeld wanneer langs de ene kant de verzekering zich beroept op een uitsluiting in de verzekeringspolis en de werknemer langs de andere kant zich kan verschuilen achter artikel 18 WAO.

Hoewel dit tot de onaangename verrassingen kan leiden dat de werkgever de factuur moet betalen, dienen hierbij twee randbemerkingen te worden gemaakt.

Ten eerste geldt de aansprakelijkheidsbeperking alleen voor de burgerlijke aansprakelijkheid van de werknemer. Op strafrechtelijk vlak blijft de werknemer dus steeds zelf aansprakelijk. Daarbij kan gedacht worden aan verkeersboetes opgelopen door werknemers die te snel rijden met hun bedrijfswagen. Voor een dergelijke boete is het overigens irrelevant of het feit dat aanleiding gaf tot deze boete, tijdens of buiten de uitvoering van de arbeidsovereenkomst plaatsvond. De werknemer blijft gehouden de boete te betalen. Indien de werkgever als burgerlijk aansprakelijke partij de geldboete betaald heeft, dient de werknemer deze terug te betalen.

Ten tweede wordt de weg van en naar het werk in principe niet beschouwd als ‘tijdens de uitvoering van de arbeidsovereenkomst’. Een werknemer kan zich voor een ongeval op dit traject dus niet beroepen op de aansprakelijkheidsbeperking van artikel 18. Een werknemer bevindt zich immers op weg van en naar het werk nog niet onder het gezag van de werkgever. Soms geeft dit echter aanleiding tot discussie, bijvoorbeeld in geval een werknemer op de terugweg van een receptie georganiseerd door de werkgever een ongeval met schade veroorzaakt.

  1. Buiten de uitvoering van de arbeidsovereenkomst

Buiten de uitvoering van de arbeidsovereenkomst geniet de werknemer niet van een aansprakelijkheidsbeperking. In dit geval zijn de gewone burgerrechtelijke aansprakelijkheidsregels (art. 1382 B.W.) van toepassing, waardoor de werknemer die de schade veroorzaakt heeft, in principe steeds aansprakelijk is.

In de meeste gevallen zal de schade veroorzaakt door een werknemer tijdens privé-verplaatsingen met zijn bedrijfswagen echter vergoed worden door de verzekeringsmaatschappij. Weigeren zij tussenkomst, bijvoorbeeld omwille van dronkenschap, dan draait de werknemer op voor de schade. De werkgever die de schade heeft moeten vergoeden aan de leasingmaatschappij, kan deze in dat geval terugvorderen van de werknemer.

  1. Wat indien er een derde betrokken is bij een ongeval?

Het is uiteraard mogelijk dat er niet alleen schade is aan de bedrijfswagen van de werknemer, maar dat de werknemer die aansprakelijk is voor een ongeval ook schade veroorzaakt bij derden.

Kan de werkgever in dit geval aangesproken worden door dit slachtoffer? Het antwoord op deze vraag is eveneens gerelateerd aan de vraag of de schade werd aangericht op een moment dat de werknemer onder de leiding en het gezag van de werkgever stond. Is dit niet het geval, dan blijft de werknemer zelf aansprakelijk. Gebeurde het ongeval echter tijdens de werkuren, dan kan de werknemer zich opnieuw proberen te verschuilen achter artikel 18 WAO dat immers niet alleen in de verhouding tot de werkgever, maar ook in de verhouding tot derden, van toepassing is. De werkgever is, als aansteller, echter wel aansprakelijk voor de fout van zijn aangestelden (art. 1384 B.W.). Dit is meteen ook de reden waarom slachtoffers zich vaak rechtstreeks tot de werkgever wenden, aangezien deze zich niet op een aansprakelijkheidsbeperking kan beroepen.