Civiel

De HR legt de art. 3:250 e.v. en art. 2:198 lid 6 BW aldus uit dat bij executoriale verkoop van aandelen door een pandhouder de toepasselijke statutaire blokkeringsregeling in acht moet worden genomen. Veelal zal executie door openbare verkoop (art. 3:250 BW) daarom niet werkbaar zijn, en zal toestemming van de voorzieningenrechter moeten worden gevraagd voor een afwijkende wijze van verkoop (art. 3:251 lid 1 BW). Een toewijzende beschikking van de voorzieningenrechter zal niet in strijd mogen zijn met de blokkeringsregeling, behalve voor zover de blokkeringsregeling op grond van art. 2:195 lid 7 BW door de rechter buiten toepassing is verklaard.

ECLI:NL:HR:2018:972

Civiel

Kwijting houdt niet zonder meer kwijtschelding in Een kwijtingsverklaring houdt in beginsel niet meer in dan bewijs dat de desbetreffende betaling heeft plaatsgevonden. Hiertegen staat tegenbewijs open. In een dergelijke verklaring ligt niet zonder meer tevens een kwijtschelding (art. 6:160 lid 2 BW) besloten. Voor kwijtschelding is vereist dat partijen zijn overeengekomen dat het verschuldigde bedrag niet geheel zou worden voldaan, of dat zij, bij wege van een vaststellingsovereenkomst, aan enige onzekerheid over de verschuldigdheid ervan een einde hebben willen maken.

ECLI:NL:HR:2018:975

Civiel

Maatstaf en gezichtspunten inzake de arbeidsrechtelijke gevolgen van een gedragslijn Uit een door de werkgever jegens de werknemer gevolgde gedragslijn kan een tussen partijen geldende (aanvullende) arbeidsvoorwaarde voortvloeien. Wanneer daarvan sprake is, hangt af van de zin die partijen aan elkaars gedragingen (en in verband daarmee staande verklaringen) hebben toegekend en in de gegeven omstandigheden daaraan redelijkerwijs mochten toekennen. De HR geeft een zestal gezichtspunten ter inkleuring van deze maatstaf.

ECLI:NL:HR:2018:976