Op kerstdag 2017 heeft het parlement een nieuwe programmawet aangenomen. Eén van de doelstellingen ervan was het voorschrijven en de terugbetaling van goedkope geneesmiddelen te bevorderen.

Geneesmiddelen worden volgens prijs ingedeeld: aan de hand van verschillende criteria kunnen ze in de categorie “goedkope geneesmiddelen” of “goedkoopste geneesmiddelen" worden geplaatst (sommige geneesmiddelen uit de laatste categorie kunnen ook nog eens worden opgenomen in de eerste categorie). Artsen moeten een bepaald globaal minimumpercentage van “goedkope” geneesmiddelen voorschrijven. Dit percentage varieert per specialisme van de arts.

Tot nu toe werden geneesmiddelen gegroepeerd volgens “identieke” verpakkingsgrootte ; vanaf 1 januari 2018 verandert dit naar een indeling volgens “vergelijkbare” verpakkingsgrootte. Via een webapplicatie kunnen voorschrijvers en patiënten nagaan welke geneesmiddelen behoren tot de categorie “goedkoopste” of “goedkope” geneesmiddelen.

De programmawet voert ook een nieuwe bepaling in waardoor de terugbetaling van een geneesmiddel waarvoor reeds een generisch geneesmiddel bestaat, wordt beperkt. Zo wil de overheid de prijsconcurrentie versterken tussen de farmaceutische bedrijven die vergelijkbare geneesmiddelen in de handel brengen, en besparingen realiseren binnen het geneesmiddelenbudget. Die besparingsmaatregel zou ten goede komen aan de ziekteverzekering, maar ook aan de patiënt die minder zou moeten betalen voor zijn geneesmiddelen.

De nieuwe voorschriften treden in werking vanaf 1 januari 2018.