Het maatschappelijk kapitaal van een NV, een BVBA en een CVBA moet volledig geplaatst zijn: voor elk aandeel dat het kapitaal vertegenwoordigt, moet een aandeelhouder zich onvoorwaardelijk ertoe verbonden hebben een bepaalde inbreng in de vennootschap te verrichten. De aandelen moeten echter niet onmiddellijk bij hun uitgifte volledig volgestort worden. Het Wetboek van Vennootschappen (het W.Venn.) legt hiervoor bepaalde minima op. Zo moet bv. elk aandeel van een NV voor tenminste ¼ onmiddellijk volgestort worden. De vennootschap kan dan op een later ogenblik de verdere volstorting vragen. Een schuldeiser van de vennootschap kan ook de verdere volstorting vragen door een zogenaamde zijdelingse vordering, waarbij de schuldeiser de vordering van zijn schuldenaar uitoefent. Vaak wordt de verdere volstorting gevraagd door een curator, nadat de vennootschap failliet werd verklaard.

Zowel de houder van niet volledig volgestorte aandelen als een kandidaat koper van de aandelen dienen op een aantal zaken te letten.

Het gedeelte van de volstorting dat onmiddellijk bij de uitgifte van de aandelen is gebeurd, kan men gemakkelijk bewijzen, o.m. aan de hand van de oprichtingsakte of de akte tot kapitaalverhoging. Voor latere stortingen is het bewijs minder evident. De vennootschap moet een latere storting inschrijven in het aandelenregister. De aandeelhouder vraagt best meteen een inschrijvingscertificaat of een kopie van het aandelenregister. Zeker als later het aandelenregister zoek raakt (wat maar al te vaak gebeurt), zal dit een waardevol bewijs vormen.

Als niet volledig volgestorte aandelen worden verkocht, zal de koper kunnen aangesproken worden voor de verdere volstorting. Hij zal dan ook normaal een lagere prijs betaald hebben. De kandidaat koper vraagt best om het aandelenregister vooraf te kunnen consulteren.

De verkoper kan in sommige gevallen ook nog worden aangesproken voor de verdere volstorting. Dat is steeds zo als de vennootschap de verdere volstorting reeds had opgevraagd voor de verkoop werd ingeschreven in het aandelenregister. Voor de overige gevallen moet een onderscheid gemaakt worden tussen de aandelen van enerzijds een NV, en anderzijds een BVBA en een CVBA:

(a) NV

Het W.Venn. voorziet een dubbele formaliteit om de verkoop van niet volledig volgestorte aandelen tegenstelbaar te maken:

  • T.a.v. de vennootschap is de verkoop tegenstelbaar vanaf de inschrijving in het aandelenregister. De verkoper vraagt daarom best om de inschrijving zo snel mogelijk te doen en hij vraagt best een bewijs daarvan.

  • T.a.v. derden (met name schuldeisers) is de verkoop tegenstelbaar vanaf de jaarlijkse publicatie van de lijst met aandeelhouders wiens aandelen niet volledig volgestort zijn. Een NV waarvan de aandelen niet volledig volgestort zijn, moet zulke lijst opmaken en opnemen in de toelichting bij de jaarrekening. Ze wordt gepubliceerd doordat de Nationale Bank van België alle neergelegde jaarrekeningen op haar website plaatst. De verkoper ziet er best op toe (i) dat de vennootschap haar eerstvolgende jaarrekening na de verkoop van de aandelen tijdig bij de Nationale Bank van België neerlegt en (ii) dat de daarin opgenomen lijst met de aandeelhouders die nog moeten volstorten, is bijgewerkt tot op de datum van de goedkeuring van de jaarrekening. Als de lijst immers slechts zou bijgewerkt zijn tot op de datum waarop de jaarrekening is afgesloten en als de verkoop van de aandelen dan nog niet had plaatsgevonden, dan zal de verkoper een jaar langer moeten wachten voor de verkoop tegenstelbaar wordt.

Ook na deze formaliteiten kan de verkoper nog worden aangesproken voor verdere volstorting als de eiser kan aantonen dat dit wordt gevraagd voor de betaling van schulden die ontstaan zijn voor deze bekendmakingsformaliteiten. De verkoper kan daarna wel de terugbetaling vorderen van de koper van de aandelen of van degenen aan wie de koper de aandelen heeft doorverkocht.

(b) BVBA en CVBA

Voor de BVBA en de CVBA voorziet het W. Venn. enkel dat de verkoop van de aandelen tegenstelbaar is aan de vennootschap én aan derden vanaf de inschrijving in het aandelenregister. Verder bevat de wet geen specifieke bepalingen. In de rechtspraak en rechtsleer bestaat er onenigheid over de mogelijkheid om de verkoper aan te spreken voor verdere volstorting. Volgens een strenge strekking kan de verkoper hiervoor blijvend worden aangesproken, zelfs voor de betaling van schulden van de vennootschap die later zijn ontstaan. De verkoper kan volgens deze strekking enkel worden bevrijd door een expliciete beslissing van de BVBA of de CVBA om hem vrij te stellen. De verkoper heeft er daarom belang bij zulke expliciete beslissing te vragen. Om dit af te dwingen kan een specifieke bepaling worden opgenomen in de overeenkomst voor de verkoop van de aandelen.