Op 10 oktober 2017 verscheen het regeerakkoord 2017 – 2021. In dit artikel wordt op hoofdlijnen ingegaan op een aantal van de voorgenomen arbeidsrechtelijke maatregelen van het nieuwe kabinet.

Cumulatie van ontslaggronden

De in 2015, als gevolg van de Wet Werk en Zekerheid (WWZ), ingevoerde strikte toets op een ‘voldragen ontslaggrond’ is voor werkgevers onnodig belemmerend gebleken. Daarom bestaat het voornemen om voor de rechter een mogelijkheid te creëren om op basis van cumulatie van verschillende ontslaggronden over te gaan tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Indien de rechter daartoe overgaat, komt daar tegenover te staan dat de rechter een extra vergoeding aan de werknemer kan toekennen van maximaal de helft van de transitievergoeding, bovenop de bestaan-de transitievergoeding.

Transitievergoeding

De opbouw van de transitievergoeding wordt meer in balans gebracht. Het recht op transitievergoeding zal al vanaf het begin van de arbeidsovereenkomst ontstaan, in plaats van na twee jaar zoals nu het geval is. Daarnaast komt het huidige onderscheid in opbouw na 10 jaar dienstverband te vervallen. Ook bestaat het voornemen om onder voorwaarden toe te staan dat kosten voor scholing gericht op een andere dan de huidige functie van werknemer binnen de organisatie van werkgever, in mindering worden gebracht op de transitievergoeding. Ten slotte zullen er enkele voor-stellen worden uitgewerkt om in bepaalde gevallen de ‘lasten’ van de transitievergoeding voor de (vooral kleinere) werkgever te compenseren.

Tijdelijke contracten

Het kabinet heeft zichzelf tot doel gesteld om de verschillen tussen arbeidsovereenkomsten voor bepaalde en onbepaalde tijd kleiner te maken en te voorkomen dat werknemers gevangen worden in een ‘draaideur’ van tijdelijke contracten. De periode waarna elkaar opvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd overgaan in een contract voor onbepaalde tijd zal daarom worden verlengd van twee naar drie jaar (de situatie van voor de WWZ). Daarnaast wil het kabinet de mogelijkheid te introduceren om een langere proeftijd van drie en vijf maanden overeen te komen bij een arbeidsovereenkomst voor respectievelijk langer dan twee jaar of voor onbepaalde tijd.

Loondoorbetaling bij ziekte

Het voornemen bestaat om voor kleine werkgevers (tot 25 werknemers) de verplichting om loon door te betalen tijdens arbeidsongeschiktheid te verkorten van twee naar één jaar. De ontslagbescherming gedurende het tweede jaar zal in stand blijven, echter de verantwoordelijkheid voor de loondoorbetaling en reìntegratie zullen overgaan naar UWV.

Werken met zelfstandigen

De Wet DBA zal worden teruggedraaid. Het kabinet denkt met nieuwe regelgeving de inhuurder van echte zelfstandigen zekerheid te kunnen bieden dat er geen sprake is van een dienstbetrekking. Dat zal worden vormgegeven door middel van een opdrachtgeversverklaring en tevens zal aan de bovenkant van de markt een optout worden geïntroduceerd.