Civiel

Stille en openbare verpanding in één akte? Het is mogelijk om in één authentieke of geregistreerde onderhandse pandakte zowel vestigingshandelingen voor een stil als een openbaar pandrecht op bestaande en toekomstige vorderingen te verrichten. Voor het stille pandrecht geldt dan de beperking van art. 3:239 lid 1 BW. Voor het openbare pandrecht geldt die beperking niet, maar is tevens mededeling aan de schuldenaren van de betreffende vorderingen vereist. Toekomstige vorderingen die gelet op art. 3:239 lid 1 BW eerst niet stil konden worden verpand, maar later wel, kunnen door het verrichten van nieuwe vestigingshandelingen (waarover het arrest Dix q.q./ING) alsnog stil worden verpand, zolang deze niet door mededeling al openbaar zijn verpand. Of is gekozen voor alleen een stil pandrecht, alleen een openbaar pandrecht of voor een combinatie van beide pandvormen, zal moeten worden vastgesteld door uitleg van de pandakte. Daarbij kan tot uitgangspunt dienen dat, behoudens aanwijzingen voor een andere uitleg, een zo ruim mogelijke zekerheidsstelling is beoogd. Indien alleen stille verpanding is beoogd, kan de reikwijdte van deze verpanding niet worden uitgebreid door alsnog mededeling te doen.

ECL:NL:HR:2019:268

Civiel

Geen (voorlopig) deskundigenbericht mogelijk voor oordeel over juistheid van rechterlijke uitspraak Een advocaat heeft verzuimd (tijdig) cassatieberoep in te stellen in een strafzaak. Cliënt stelt de advocaat aansprakelijk en dient een verzoek in tot het gelasten van een voorlopig deskundigenbericht. Een in cassatie gespecialiseerde strafrechtadvocaat zou moeten beoordelen of bij een wél ingesteld cassatieberoep een reële kans op vernietiging bestond. De HR overweegt dat in dergelijke gevallen beoordeeld moet worden of het hof in de desbetreffende uitspraak het recht goed heeft toegepast en zijn oordeel voldoende heeft gemotiveerd. Dit is een juridische beoordeling die de rechter zelf kan en moet verrichten, en geen feit dat zich leent voor bewijslevering middels een deskundigenbericht.

ECLI:NL:HR:2019:272

Meld u aan voor de Hoge Raad News Update