1.- Inwerkingtreding vanaf 30 april 2014

In navolging van het Koninklijk Besluit betreffende de inwerkingtreding van bepaalde boeken van het Wetboek van economisch recht van 4 april 2014, treden op 30 april 2014 de volgende bepalingen in werking:

  • De bepalingen van de wet van 15 december 2013 houdende invoeging van Boek XIII "Overleg", in het Wetboek van economisch recht, en de bepalingen ingevoegd bij deze wet in het Wetboek van economisch recht;
  • De bepalingen van de wet van 27 maart 2014 houdende invoeging van Boek XVIII "Maatregelen voor crisisbeheer" in het Wetboek van economisch recht en houdende invoeging van de rechtshandhavingsbepalingen eigen aan Boek XVIII, in Boek XV van het Wetboek van economisch recht, en de bepaling ingevoegd bij deze wet in het Wetboek economisch recht.


2.- Inwerkingtreding vanaf 31 mei 2014

In navolging van het Koninklijk Besluit betreffende de inwerkingtreding van bepaalde boeken van het Wetboek van economisch recht van 28 maart 2014, zullen volgende bepalingen op 31 mei 2014 in werking treden:

  • De wet van 21 december 2013 houdende invoeging van Boek VI "Marktpraktijken en consumentenbescherming" in het Wetboek van economisch recht en houdende invoeging van de definities eigen aan Boek VI, en van de rechtshandhavingsbepalingen eigen aan Boek VI, in Boeken I en XV van het Wetboek van economisch recht;
  • De wet van 26 december 2013 houdende invoeging van Boek XVII "Bijzondere rechtsprocedures" in het Wetboek van economisch recht, en houdende invoeging van een aan Boek XVII eigen definitie en sanctiebepalingen in hetzelfde Wetboek;
  • De wet van 26 december 2013 houdende invoeging van de bepalingen die een aangelegenheid regelen als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet, in Boek XVII "Bijzondere rechtsprocedures" van het Wetboek van economisch recht. In navolging van het Koninklijk besluit betreffende de inwerkingtreding van bepaalde boeken van het Wetboek van economisch recht van 4 april 2014, zullen op bovengenoemde datum eveneens volgende bepalingen in werking treden:
  • De bepalingen van de wet van 15 december 2013 houdende invoeging van het Boek XII "Recht van de elektronische economie" in het Wetboek van economisch recht, en houdende invoeging van de definities eigen aan Boek XII en van de rechtshandhavingsbepalingen eigen aan Boek XII, in de Boeken I en XV van het Wetboek van economisch recht, en de bepalingen ingevoegd bij deze wet in het Wetboek economisch recht;
  • De bepalingen van de wet van 26 december 2013 houdende invoeging van artikel XII.5 in het Boek XII, "Recht van de elektronische economie" van het Wetboek van economisch recht.


3.- Inwerkingtreding vanaf 1 september 2014

In navolging van het Koninklijk Besluit betreffende de inwerkingtreding van bepaalde boeken van het Wetboek van economisch recht van 4 april 2014, zullen op 1 september 2014 volgende bepalingen in werking treden:

  • De bepalingen van de wet van 28 maart 2014 tot invoeging van titel 2 "Rechtsvordering tot collectief herstel" in Boek XVII "Bijzondere gerechtelijke procedures" van het Wetboek van economisch recht en houdende invoeging van de definities eigen aan Boek XVII in Boek I van het Wetboek van economisch recht, en de bepalingen ingevoegd bij deze wet in het Wetboek economisch recht;
  • De wet van 27 maart 2014 houdende invoeging van de bepalingen die een aangelegenheid regelen als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet, in Boek XVII "Bijzondere rechtsprocedures" van het Wetboek van economisch recht en tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek teneinde de hoven en rechtbanken te Brussel een exclusieve bevoegdheid toe te kennen om kennis te nemen van de rechtsvordering tot collectief herstel, bedoeld in Boek XVII, titel 2, van het Wetboek van economisch recht, en de bepaling ingevoegd bij deze wet in het Wetboek van economisch recht.


4.- Inwerkingtreding vanaf 1 januari 2015

Tot slot is er het Koninklijk Besluit van 10 april 2014 betreffende de wet van 4 april 2014 houdende de invoeging van Boek XVI “Buitengerechtelijke regeling van consumentengeschillen”. De wet van 4 april 2014 vormt de omzetting van Richtlijn 2013/11/EU van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende alternatieve beslechting van consumentengeschillen en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2006/2004 en Richtlijn 2009/22/EG, evenals sommige bepalingen van Richtlijn 2006/123/EG van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt. Deze wet voorziet onder andere in de oprichting van een autonome openbare dienst met rechtspersoonlijkheid, de “Consumentenombudsdienst” genaamd, die zal fungeren als contactpunt en dienst voor de buitengerechtelijke regeling van consumentengeschillen. De eigenlijke beslechting van dergelijke geschillen zal worden toevertrouwd aan de terzake bevoegde “gekwalificeerde entiteit”. Onder “gekwalificeerde entiteit” wordt er elke private of door een publieke overheid opgerichte entiteit verstaan, die aan buitengerechtelijke regeling van consumentengeschillen doet en die opgenomen is op de lijst die de FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie opstelt. Wanneer geen enkele “gekwalificeerde entiteit” bevoegd is, zal de Consumentenombudsdienst zelf optreden. 

Het basisidee achter deze Wet is om consumenten de mogelijkheid te geven om in geval van een geschil met een onderneming hun rechten makkelijker te doen gelden zonder dat zij hiervoor genoodzaakt zijn om naar de rechter te stappen. In navolging van het Koninklijk Besluit van 10 april 2014 betreffende de inwerkingtreding van de wet van 4 april 2014 houdende de invoeging van Boek XVI “Buitengerechtelijke regeling van consumentengeschillen” in het wetboek van economisch recht, zullen artikelen XVI.6, XVI.7, XVI.9, XVI.13 tot XVI.21, XVI.23, § 2, XVI.24 tot XVI.28, ingevoegd bij artikel 3 van voornoemde wet, in werking treden vanaf 1 januari 2015.