In de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) is een algemene regeling opgenomen met betrekking tot openbaarmaking van overheidsinformatie. Het is vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) dat deze algemene regeling wijkt voor bijzondere regelingen die een uitputtend karakter hebben (zie bijvoorbeeld ABRvS 30 juni 2010, LJN: BM9675). Gedacht kan worden aan de Wet op het financieel toezicht en de Wet BIBOB.

In zijn uitspraak van 6 maart 2013 (LJN: BZ3368) voegt de Afdeling hier de Wet op de jeugdzorg (Wjz) aan toe. Uit de artikelen 49 tot en 51 van deze wet in samenhang met de wetsgeschiedenis kan volgens de Afdeling echter worden afgeleid, dat met deze bepalingen beoogd is de geheimhouding en bekendmaking van bescheiden met betrekking tot jeugdigen te regelen. Een verzoek op grond van deze regeling kan worden geweigerd wanneer het belang van de jeugdige zich daartegen verzet. In het kader van een verzoek op grond van de Wob wordt juist deze belangenafweging niet gemaakt. Openbaarmaking op grond van de Wob zou daarom volgens de Afdeling de regeling uit de Wjz doorkruisen. Om deze reden mag de Wob dan ook niet op verzoeken om gegevens met betrekking tot jeugdigen aan Bureau Jeugdzorg worden toegepast.