Wanneer in het kader van een juridische fusie in Nederland gelegen onroerende zaken overgaan - kan indien aan de voorwaarden wordt voldaan - een beroep worden gedaan op een vrijstelling van overdrachtsbelasting. Een van de voorwaarden is dat de juridische fusie hoofdzakelijk plaatsvindt op grond van zakelijke overwegingen. Rechtbank Den Haag heeft zich onlangs uitgelaten over het begrip 'zakelijke overwegingen'.

Invulling zakelijke overwegingen

Uit de wetsgeschiedenis volgt dat aan het begrip 'zakelijke overwegingen' in het geval van een juridi-sche fusie een eigen invulling wordt gegeven voor de overdrachtsbelasting. Het begrip zakelijke overwegingen wordt namelijk vaker gehanteerd in het fiscale recht (bijvoorbeeld bij de fusie- en split-singsfaciliteit in de vennootschapsbelasting en de splitsingsfaciliteit in de overdrachtsbelasting). In het kader van de fusiefaciliteit heeft de wetgever aangegeven dat zakelijke overwegingen ten grondslag kunnen liggen aan een herstructurering of rationalisering van de activiteiten van de bij de fusie betrokken rechtspersonen, als het doel van de fusie het vergroten van de productiviteit en het verbeteren van de economische of maatschappelijke performance van de bij de fusie betrokken rechtspersonen is. Dit is bijvoorbeeld het geval als door de juridische fusie optimale exploitatiemogelijkheden, lagere financieringslasten en substantiële schaalvoordelen worden bereikt met de fusie. In de wetsgeschiedenis is voorts opgenomen dat de fusie moet leiden tot meer dan de optelsom van de gefuseerde ondernemingen. Tot slot moeten de activiteiten door de verkrijgende vennootschap gedurende drie jaren worden voortgezet. Achtergrond hiervan is dat het feitelijke resultaat van een juridische fusie niet slechts de overdracht van onroerende zaken dient te betreffen.

Casus

In de zaak waarover de rechtbank zich onlangs uitliet, exploiteerden twee BV's middels een vennoot-schap onder firma (vof) een damesmode- en babykledingwinkel. Daarnaast had de verdwijnende vennootschap een winkelpand in eigendom dat verhuurd werd aan een derde. De verdwijnende vennootschap heeft voorafgaand aan de juridische fusie haar aandeel in de vof over gedragen aan de verkrijgende vennootschap. Ten gevolge van de juridische fusie gaat derhalve onder algemene titel enkel de eigendom van een aan een derde verhuurd pand. In geschil is of ter zake deze verkrijging met succes een beroep kan worden gedaan op de vrijstelling overdrachtsbelasting voor een juridische fusie.

De rechtbank Den Haag oordeelt dat de verkrijgende vennootschap geen beroep kan doen op de fusievrijstelling, omdat de verkrijgende vennootschap niet aannemelijk heeft gemaakt dat aan de juridische fusie hoofdzakelijk zakelijke overwegingen ten grondslag liggen. Nu ten gevolge van de juridische fusie enkel het verhuurde pand is overgaan naar de verkrijgende vennootschap, is geen sprake van zakelijke overwegingen. Hoewel de juridische fusie een kostenbesparing en vereenvoudiging van de structuur met zich brengt, is de fusievrijstelling volgens de rechtbank Den Haag niet bedoeld voor een overgang als de onderhavige.

De praktijk

Zoals hiervoor aangegeven kent de fusievrijstelling voor de overdrachtsbelasting een strikte invulling van het begrip 'zakelijke overwegingen'. Indien derhalve beoogd wordt om het vermogen van twee vennootschappen samen te brengen, ligt de toepassing van een andere faciliteit soms meer voor de hand. Graag adviseren wij u welke faciliteit de voorkeur geniet.

Mocht toch een beroep op de fusievrijstelling gewenst zijn, dan adviseren wij om vooraf met de Belastingdienst af te stemmen of met recht een beroep wordt gedaan op de vrijstelling. Hierdoor weet u vooraf waar u aan toe bent.