Op 21 oktober 2019 kondigde de Autoriteit Consument & Markt (“ACM“) aan dat zij naar verwachting in februari 2020 leidraden zal publiceren met richtlijnen voor telecombedrijven die infrastructuur willen gaan delen bij de uitrol van 5G. In het kader van de ontwikkeling van 5G leven er bij marktpartijen in toenemende mate vragen over wat wel en niet is toegestaan rond het delen van netwerken. Samenwerking tussen telecombedrijven kan veel kostenvoordelen opleveren en de uitrol van 5G versnellen, maar op grond van het generieke mededingingsrecht en de telecommunicatieregels gelden hiervoor ook beperkingen die de concurrentie op de markt beogen te waarborgen.

Op Europees niveau publiceerde BEREC, het samenwerkingsverband tussen telecomtoezichthouders in de Europese Unie, op 13 juni 2019 haar Gemeenschappelijk standpunt ten aanzien van het delen van mobiele infrastructuur. En op 7 augustus 2019 opende de Europese Commissie een formeel mededingingsrechtelijk onderzoek naar de overeenkomsten tussen mobiele netwerkaanbieders in Tsjechië die zagen op het delen van netwerken. Ten aanzien van dit onderzoek gaf de Commissie al aan dat haar analyse in lijn is met de principes zoals die zijn neergelegd in het gemeenschappelijk standpunt van BEREC. De Commissie merkte in haar persbericht ook uitdrukkelijk op dat dit analysekader alleen betrekking heeft op de huidige technologieën (2G/3G/4G) en geen precedent schept voor een mogelijk toekomstige analyse van overeenkomsten voor het delen van netwerken die zien op nieuwe technologieën zoals 5G. Dit omdat de Commissie van oordeel is dat de 5G technologie mogelijk om een ander beoordelingskader vraagt.

De aangekondigde ACM leidraden zullen de mobiele netwerkaanbieders daarom mogelijk beter in staat stellen om te beoordelen onder welke voorwaarden het delen van netwerken bij de uitrol van 5G is toegestaan. In haar persbericht noemt ACM een aantal onderwerpen waarop in deze leidraden in ieder geval zal worden ingegaan.

In de eerste plaats beoogt ACM met deze leidraden duidelijkheid aan de markt te verschaffen wat betreft de grenzen die volgen uit het mededingings- en telecommunicatierecht voor de samenwerking tussen telecombedrijven in de uitrol van 5G in bijvoorbeeld economisch onrendabele gebieden.

Een tweede onderwerp waarop ACM in deze leidraden in zal gaan is de mogelijkheid die houders van spectrumvergunningen onder het nieuwe telecommunicatiewetsvoorstel krijgen om spectrum te huren en verhuren. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is onder welke voorwaarden huur- en verhuurconstructies mededingingsrechtelijk toelaatbaar zijn. Dit onderwerp is zowel relevant voor bestaande mobiele vergunningen als voor de vergunningen die worden geveild in de aankomende 5G-Mulltibandveiling.

Tot slot geeft ACM aan in te zullen gaan op de randvoorwaarden die gelden voor telecomaanbieders die gebruik willen maken van het 2G of 3G-netwerk van een andere marktpartij, nadat deze aanbieders het eigen 2G of 3G-netwerk hebben afgeschakeld in de overgang naar 5G. De voortzetting van 2G of 3G-diensten via het netwerk van een andere marktpartij kan namelijk van belang zijn voor eindgebruikers die niet beschikken over een 4G-telefoon. ACM geeft in haar persbericht aan dat zij ernaar streeft om deze leidraden in februari 2020 te publiceren, zodat marktpartijen van de inhoud ervan op de hoogte zijn bij het voorbereiden van de veiling van mobiele frequenties in hetzelfde jaar.