Het Zomerakkoord bevestigt de intentie van het Regeerakkoord om voor zelfstandigen-natuurlijke personen een bijkomende mogelijkheid te creëren om een tweede pijler aanvullend pensioen te verwerven waarvan de voordelen en grenzen gelijk zijn aan deze voor zelfstandigen die bedrijfsleider zijn van hun eigen vennootschap.

Op vandaag hebben alle zelfstandigen reeds de mogelijkheid om een vrij aanvullend pensioen (het VAPZ) op te bouwen. De (para)fiscale gunstbehandeling van het VAPZ is echter beperkt tot een grensbedrag van 3.127,24 euro per jaar (3.598,05 euro voor een zgn. sociaal VAPZ, dat ook een stuk sociale bescherming biedt).

Daarnaast hebben alle zelfstandigen de mogelijkheid om in de (nietberoepsgebonden) derde pijler aan pensioensparen te doen. De fiscale gunstbehandeling daarvan is echter nog beperkter.

Voor zelfstandigen die bedrijfsleider zijn van hun eigen vennootschap, bestaat er echter nog een bijkomende mogelijkheid om een beroepsgebonden aanvullend pensioen op te bouwen op fiscaal aantrekkelijke wijze: de vennootschap kan ten bate van zijn bedrijfsleider een groepsverzekering voor bedrijfsleiders of een individuele pensioentoezegging (IPT) onderschrijven. Binnen bepaalde grenzen (o.m. de 80%-grens) zijn de bijdragen aftrekbaar voor de vennootschap en zal het opgebouwde pensioenkapitaal belast worden aan een gunstig tarief.