Tax

Op 27 januari 2017 heeft de Hoge Raad der Nederlanden diverse arresten gewezen over de verschuldigdheid van BPM voor auto’s die eerst in het buitenland waren geregistreerd en vervolgens naar Nederland zijn overgebracht om in Nederland te worden geregistreerd. Alle auto’s hadden weinig kilometers op de teller (meestal minder dan 40) en vertoonden geen sporen van gebruik of beschadiging.

De Hoge Raad oordeelt dat het feit dat de auto’s eerder buiten Nederland op kenteken waren gezet niet inhoudt dat deze alleen daarom al voor de heffing van de BPM als gebruikte auto’s zijn aan te merken. Omdat ze tevens geen sporen van gebruik of beschadiging vertoonden zijn zij als nieuw aan te merken.

Een beroep op begunstigend beleid dat was opgenomen in de Leidraad BPM 2006, inhoudende dat auto’s die enkel vanwege registratie buiten Nederland reeds als gebruikt waren aan te merken, mocht niet baten omdat deze Leidraad per 2008 - dus voordat in betreffende gevallen aangifte van de BPM was gedaan - reeds was vervallen. Het vervangende kaderbesluit bevat ook niet een dergelijk begunstigend beleid.

Het gevolg van deze arresten is dat geen leeftijdskorting op de verschuldigde BPM kan worden toegepast.

Deze arresten scheppen niet alleen voor de praktijk, maar ook voor rechtbanken en gerechtshoven helderheid over de vraag wanneer een auto als nieuw is aan te merken.