CIVIEL

Bancaire onderzoeksplicht tegen overkreditering ook al tussen 1999 en 2003

Banken dienden ook al tussen 1999 en 2003 op grond van hun bijzondere zorgplicht voorafgaand aan het verlenen van hypothecair krediet aan een consument inlichtingen in te winnen over diens inkomens- en vermogenspositie om overkreditering te voorkomen. Dat deze verplichting pas nadien in regelgeving is vastgelegd, laat dit onverlet. Toentertijd waren banken in beginsel echter niet verplicht niet-verantwoorde kredietverstrekking te weigeren indien de consument – na adequate voorlichting of waarschuwing – ervoor koos de hypothecaire lening (toch) aan te gaan.

ECLI:NL:HR:2017:1107

CIVIEL

Bewijslast betaling gewaarborgde schuld rust op borg

De aangesproken borg die het verweer voert dat de verbintenis van de hoofdschuldenaar door betaling is tenietgegaan, voert een bevrijdend verweer. Evenals het geval zou zijn indien de hoofdschuldenaar dat verweer zou voeren, rust de bewijslast ingevolge art. 150 Rv op degene die dat bevrijdend verweer voert, in dit geval dus op de borg.

ECLI:NL:HR:2017:1108

CIVIEL

Belastingrechter ook bevoegd ten aanzien van contractuele grondslag aanslagen

Uitsluitend de belastingrechter is bevoegd tot beoordeling van de juistheid van aanslagen. Deze bevoegdheid geldt ook voor het verweer dat aan de aanslagen ten grondslag liggende overeenkomsten nietig zijn. De belastingrechter kan bij een beroep tegen een fiscaal besluit mede nagaan of een dergelijke overeenkomst rechtsgeldig is (en kan daarbij art. 3:40 BW betrekken). Deze mogelijkheid bestaat ook voor een beding tot afstand van bezwaar en beroep tegen aanslagen bij de belastingrechter.

ECLI:NL:HR:2017:1103

FISCAAL

Kwalificeert perceel voor aanleg golfbaan als bouwterrein?

Belanghebbende verkrijgt twee aangrenzende percelen. Op het ene perceel wordt een golfbaan aangelegd en op het andere perceel een clubhuis. De verkrijging van het perceel voor de aanleg van de golfbaan is op grond van de 'samenloopvrijstelling' vrijgesteld van overdrachtsbelasting indien het perceel kwalificeert als 'bouwterrein' voor de btw (onbebouwde grond bestemd om te worden bebouwd met een of meer gebouwen). Het hof oordeelt na verwijzing dat de golfbaan zich – los van het clubhuis – niet leent voor zelfstandig gebruik, waardoor de twee percelen in onderlinge samenhang bezien kwalificeren als een bouwterrein. Volgens de HR had het hof echter ook moeten toetsen of het clubhuis zich – los van de golfbaan – voor zelfstandig gebruikt leent.

ECLI:NL:HR:2017:1097