Budgethouders van een persoonsgebonden budget (pgb) en pgb-zorgverleners die extra kosten hebben gemaakt door te late betaling door de Sociale verzekeringsbank (SVB) in 2015, kunnen een compensatie ontvangen. Het ministerie van VWS heeft hiervoor de Compensatieregeling trekkingsrecht pgb opgesteld. Een aanvraag kan tot 1 juni 2017 worden ingediend.

Op 1 januari 2015 is de betaling van het pgb veranderd. Sindsdien wordt een op grond van de Wlz, de Wmo 2015 of de Jeugdwet toegekend pgb niet langer op de rekening van de budgethouder gestort, maar wordt het budget aangehouden bij de SVB (de zogenoemde ‘trekkingsrechten’). De SVB betaalt, op verzoek van de budgethouder en na een aantal checks, namens de budgethouder de door hem gecontracteerde dienstverlener voor de verleende diensten.

In twee eerdere Healthbits (zie hier en hier) schreven wij al over de aanloopproblemen die de invoering van de nieuwe systematiek in 2015 met zich meebracht. Het gevolg hiervan is dat zorgverleners niet altijd op tijd zijn betaald. Hierdoor hebben zorgverleners en budgethouders mogelijk hinder, ongemak en nadeel ondervonden. Een deel van hen heeft bovendien extra en soms aanzienlijke kosten moeten maken en dus materieel nadeel ondervonden. Voor hen is de Compensatieregeling trekkingsrecht pgb, kortweg de compensatieregeling, in het leven geroepen.

De compensatieregeling voorziet in de mogelijkheid om in aanmerking te komen voor vergoeding van alle gemaakte kosten in een aantal categorieën, indien de kosten het gevolg zijn van een vertraagde uitbetaling door de SVB. De vergoeding is enkel bedoeld voor gevallen van aanmerkelijk materieel nadeel. Daarom voorziet de compensatieregeling in een financiële drempel. Alleen budgethouders en zorgverleners die kosten hebben gemaakt boven deze drempel komen in aanmerking voor een vergoeding.

Om in aanmerking te komen voor de vergoeding dient de aanvrager aan te tonen dat de gemaakte kosten in de vooraf vastgestelde kostencategorieën vallen en dat deze samenhangen met een vertraagde betaling. Daarnaast moet de aanvraag zijn voorzien van bewijsstukken waaruit de kosten blijken. Het is mogelijk dat zowel een budgethouder als een zorgverlener naar aanleiding van dezelfde te late betaling kosten hebben gemaakt. In dat geval kunnen beiden een aanvraag indienen. Wel komen zij slechts eenmaal in aanmerking voor een tegemoetkoming, ongeacht het aantal te late betalingen.

Via de website www.compensatieregelingpgb.nl kunnen budgethouders en pgb-zorgverleners nagaan of zij voor de vergoeding in aanmerking komen. Tevens kunnen zij daar tot 1 juni 2017 de vergoeding aanvragen. Tegen een positieve dan wel negatieve beschikking op een aanvraag staat de mogelijkheid van bezwaar en beroep open op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).