​Een medisch specialist moet de patiënt informeren als hij afwijkt van een richtlijn. Dat heeft het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg bepaald in een procedure tussen de echtgenote van een patiënt en een longarts.

Wettelijk kader

Artikel 7:448 BW bepaalt dat een medisch specialist een patiënt op een duidelijke wijze moet informeren over de aard en het doel van de behandeling, de te verwachten gevolgen en risico's, de verschillende soorten methoden van behandeling en de te verwachten resultaten. Die informatieplicht strekt zich uit tot al hetgeen de patiënt redelijkerwijze nodig heeft om een beslissing te kunnen nemen.

De klacht

De echtgenote van een overleden patiënt klaagt bij het Centraal Tuchtcollege over het handelen van de longarts ten aanzien van zijn informatieplicht. De longarts heeft een bepaald type chemotherapie toegepast bij de patiënt, één en ander zonder voorafgaand overleg met de patiënt (en klaagster) en zonder hiervan aantekening te maken in het medisch dossier. De longarts heeft wel conform het protocol van het ziekenhuis gehandeld. Dat protocol wijkt echter af van de landelijke richtlijn. Het Centraal Tuchtcollege heeft getoetst of de longarts een tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt.

Het oordeel

Daarbij komt het Centraal Tuchtcollege tot de conclusie dat de longarts weliswaar medisch inhoudelijk een verdedigbare afweging heeft gemaakt tussen de verschillende behandelingen, maar dat hem niettemin verweten kan worden dat hij bij zijn afweging en keuze geen overleg heeft gevoerd met de patiënt (en klaagster) en daarover niets heeft vastgelegd in het medisch dossier. Daarbij is relevant dat de longarts is afgeweken van de landelijke richtlijn. Het Centraal Tuchtcollege heeft de waarschuwing die het Regionaal Tuchtcollege heeft opgelegd, in stand gelaten.

Uit de uitspraak van het Centraal Tuchtcollege leiden wij af dat een medisch specialist een patiënt moet informeren als hij voor een behandeling afwijkt van een landelijke richtlijn. Een begrijpelijke uitspraak; deze informatie heeft een patiënt redelijkerwijs nodig om een beslissing te kunnen nemen over de behandeling.