1 Verhoging roerende voorheffing op dividend en interest

Aangekondigd werd dat het tarief van de roerende voorheffing op dividenden en interesten, in principe, verhoogd zal worden van 25% naar 27%.

Als belangrijkste uitzondering blijven interesten op spaarrekeningen, onder voorwaarden, vrijgesteld tot 1.880 euro. Boven 1.880 euro blijven interesten op spaarrekeningen onderworpen aan een verlaagd tarief van 15%.

Een finale wet wordt eind 2015 verwacht met een inwerkingtreding vanaf 1 januari 2016.

2 Invoering speculatiebelasting

Aangekondigd werd dat een beperkte speculatiebelasting van 33% zal worden ingevoerd over meerwaarden gerealiseerd bij doorverkoop van beursgenoteerde aandelen binnen de zes maanden na aankoop.

Conform laatste berichten zal de speculatiebelasting onderstaande kenmerken hebben.

De speculatiebelasting zal van toepassing zijn op meerwaarden gerealiseerd op beursgenoteerde aandelen, opties, warrants en andere beursgenoteerde financiële instrumenten waarvan het onderliggend actief uitsluitend bestaat uit één of meerdere beursgenoteerde aandelen (waaronder turbo’s, speeders, sprinters en futures).

Meerwaarden op beleggingsfondsen zijn vrijgesteld van speculatiebelasting.

Meerwaarden op aandelen of opties in het kader van een optieplan van de werkgever en meerwaarden gerealiseerd ingevolge verplichte verrichtingen worden niet geviseerd.

Voor de berekening van de termijn van zes maanden, worden de laatst aangekochte aandelen geacht eerst verkocht te worden.

De meerwaarde wordt berekend in de oorspronkelijke munt. Ook indien ingevolge wisselkoersverschillen in euro geen meerwaarde wordt gerealiseerd, wordt de meerwaarde belast.

Beurstaksen kunnen in mindering worden gebracht van de meerwaarde, andere transactiekosten (zoals makelaarsloon) niet.

Minderwaarden zijn in principe niet aftrekbaar. Echter, de minister van Financiën stelt voor om minderwaarden aftrekbaar te maken van meerwaarden die op hetzelfde aandeel worden gerealiseerd binnen een periode van zes maanden.

Voorbeeld

U koopt op 1 januari 2016 50 aandelen tegen een koers van 10.

U koopt op 5 maart 2016 25 aandelen tegen een koers van 7.

U verkoopt op 14 april 2016 60 aandelen tegen een koers van 9.

De laatst verkochte aandelen worden geacht eerst verkocht te worden:

  • Over 25 aandelen wordt een meerwaarde van 2 gerealiseerd: totale meerwaarde 50.
  • Over 35 aandelen (60-25) wordt een minderwaarde van 1 gerealiseerd: totale minderwaarde 35.
  • Belastbare basis : 50-35 = 15.

De speculatiebelasting kan niet vermeden worden door middel van een schenking. Bij schenking neemt de begiftigde de aankoopdatum van de schenker over.

Voorbeeld

U koopt op 1 januari 2016 50 aandelen tegen een koers van 10.

U schenkt de aandelen aan uw zoon op 5 maart 2016.

Indien uw zoon de aandelen met een meerwaarde (dit is tegen een koers boven 10) verkoopt binnen de zes maanden vanaf 1 januari 2016, zal speculatiebelasting verschuldigd zijn.

Belgische banken zullen de verschuldigde speculatiebelasting inhouden via roerende voorheffing. Indien de Belgische bank niet in de mogelijkheid is om de meerwaarde te berekenen (bij gebrek aan aankoopprijs), moet de Belgische bank roerende voorheffing inhouden op de volledige verkoopprijs. Bij overboeking van beursgenoteerde aandelen naar een Belgische bank adviseren wij u de aankoopprijs van door de speculatiebelasting geviseerde aandelen mee te (laten) delen aan de Belgische bank om roerende voorheffing over de volledige verkoopprijs te vermijden. Teveel ingehouden roerende voorheffing moet via de aangifte in de personenbelasting worden teruggevraagd.

Geviseerde meerwaarden op aandelen bij buitenlandse banken moeten worden opgegeven in de aangifte in de personenbelasting.

Verwacht wordt dat een finale wet eind 2015 bekendgemaakt zal worden en van toepassing zal zijn op aandelen die vanaf 1 januari 2016 aangekocht worden.