​Op 3 februari jl. oordeelde de Raad van State dat de Belastingdienst inkomensgegevens van huurders van sociale huurwoningen niet mag verstrekken aan hun verhuurders als deze daarom vragen. Deze uitspraak heeft forse consequenties. Corporaties kunnen de per 1 juli beoogde huurverhoging voor scheefhuurders zeer waarschijnlijk niet uitvoeren. Ook zullen huurders nagaan of zij de huurverhogingen van de afgelopen jaren kunnen terugeisen.

De Woonbond heeft al aangegeven dat de inkomensafhankelijke huurverhoging wat hen betreft niet kan doorgaan aangezien de juridische grondslag ontbreekt. Een huurverhoging is niet mogelijk zonder de informatie van de Belastingdienst. Bij het voorstel voor de huurverhoging moet namelijk de verklaring van de Belastingdienst worden gevoegd. De bestuursrechter heeft geoordeeld dat de Belastingdienst in strijd met de wet handelt als zij inkomensgegevens aan verhuurders verstrekt. Wij vermoeden dan ook dat de Belastingdienst voorlopig de informatievoorziening aan huurders zal moeten staken. Zonder informatie over het inkomen kan de corporatie de huur niet verhogen. Uiteraard kan de corporatie navraag doen bij de huurder over zijn inkomen, maar de huurder zal dit, zo verwachten wij, niet vrijwillig melden. Consequentie van het melden kan immers zijn dat de huur wordt verhoogd.

Wellicht dat het niet zo'n vaart loopt. Op 9 februari jl. heeft de Tweede Kamer de wet doorstroming huurmarkt aangenomen. Volgens de minister is de benodigde wettelijke grondslag voor de informatieverstrekking in dit wetsvoorstel opgenomen. Daarnaast behandelt de Tweede Kamer nu ook een ander wetsvoorstel waar volgens de minister ook de benodigde wettelijke grondslag in is opgenomen. De minister hoopt dat op zijn minst één van deze twee voorstellen tijdig wordt aangenomen en in werking kan treden. Dit moet alleen wel snel gebeuren. Veel verhuurders beogen de huur te verhogen per 1 juli aanstaande. Een verhuurder moet de huurder voor 1 mei aanstaande dan informeren over de beoogde huurwijziging. Het berekenen van de huurverhoging moet in de weken ervoor gebeuren. Een verhuurder heeft dus uiterlijk half april de informatie nodig. Het is de vraag of één van de twee wetsvoorstellen voor deze datum in werking kan treden. Mocht dat niet lukken dan staat de per 1 juli beoogde huurverhoging op losse schroeven met alle gevolgen vandien. Let wel dat de huur maar een keer per jaar verhoogd mag worden. Het is niet mogelijk om nu eerst de huur te verhogen met de inflatie en daarna nog eens met de eventuele opslag voor scheefwoners.

Consequenties over het verleden?

Huurders kunnen naar aanleiding van de uitspraak aangeven dat zij de afgelopen jaren ten onrechte zijn geconfronteerd met een huurverhoging. Het is nog te vroeg om de consequenties van de uitspraak voor reeds doorgevoerde huurprijsverhogingen te overzien. Wij raden verhuurders aan om de huurders eerst door te verwijzen naar de Staat. Het is immers de Belastingdienst die in strijd met de wet de inkomensgegevens heeft verstrekt. Dit levert in principe een onrechtmatige daad op van de Staat. Of het daarop voortbouwende handelen van verhuurders ook onrechtmatig is, is wat ons betreft niet zonder meer gegeven. De verhuurder was voor de huurprijsverhoging afhankelijk van de informatie van de Belastingdienst. Het gebruik van die gegevens door de verhuurder is niet zonder meer onrechtmatig jegens de huurders, omdat de verhuurder weinig reden had om aan te nemen dat de Belastingdienst in strijd met de wet handelde door de inkomensinformatie te verstrekken.