Er is nieuwe wetgeving op handen die gevolgen kan hebben voor de privacy van (groot)aandeelhouders van (familie)bedrijven. Deze wetgeving beoogt te voorkomen dat geld wordt witgewassen en terrorisme wordt gefinancierd via ingewikkelde juridische ondernemingsstructuren. Deze wetgeving raakt vooral familiebedrijven en andere (niet-beursgenoteerde) bedrijven met grootaandeelhouders.

De voorgestelde wetswijzigingen en de gevolgen daarvan worden kort toegelicht.

1 Centraal register van uiteindelijk belanghebbenden

In een nieuwe Europese anti-witwasrichtlijn (de “Vierde Anti-witwasrichtlijn”) wordt voorgesteld om onder meer bedrijven verplicht te stellen hun uiteindelijk belanghebbenden, natuurlijke personen met een belang van 25% of meer in het bedrijf, in een centraal register te registreren. Elke persoon die eigenaar is van (25% of meer van) een bedrijf of daarover de zeggenschapsrechten uitoefent, moet worden geïdentificeerd en geregistreerd in het centrale register. Lidstaten mogen een lagere grens hanteren. Het is niet uitgesloten dat Nederland deze grens verlaagt.

Welke gegevens moeten openbaar worden gemaakt?

De volgende gegevens van de uiteindelijk belanghebbenden moeten worden openbaar gemaakt:

  • naam;
  • geboortemaand en –jaar;
  • nationaliteit;
  • land van verblijfplaats; en
  • aard en omvang van de deelneming.

Voor wie is dit register toegankelijk?

Het centrale register zal toegankelijk zijn voor bepaalde overheidsinstanties (zoals de fiscus en opsporingsdiensten), banken, advocaten, notarissen, accountants én voor een ieder die een “legitiem belang” heeft. Het begrip “legitiem belang” lijkt een ruim toepassingsbereik te hebben, zodat bijvoorbeeld onderzoeksjournalisten hier ook onder zouden kunnen vallen. Gevolg hiervan is dat persoonlijke gegevens van uiteindelijk belanghebbenden van (familie)bedrijven mogelijk (ongewenst) openbaar worden. De lidstaten mogen hierop alleen van geval tot geval wegens bijzondere omstandigheden een uitzondering maken, zoals bij een risico op ontvoering, oplichting, geweld of fraude. De uitzondering kan ook worden toegepast op minderjarigen. De bewijslast ligt echter bij de betrokkene zelf.

Standaard verscherpt cliëntenonderzoek voor familiebedrijven

Een ander knelpunt in de Vierde Anti-witwasrichtlijn is dat familiebedrijven in alle gevallen standaard aan verscherpt cliëntenonderzoek worden onderworpen. Dit leidt tot een aanzienlijke lastenverzwaring voor familiebedrijven. Pas als de Vierde Anti-witwasrichtlijn in de Nederlandse Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (“WWFT”) is geïmplementeerd, wordt bekend hoe de instellingen die cliëntenonderzoek moeten doen aan dit vereiste invulling zullen geven.

2 Centraal aandeelhoudersregister

Los van de Vierde Anti-witwasrichtlijn heeft de minister van Veiligheid en Justitie aangekondigd dat hij een centraal aandeelhoudersregister voor B.V.’s en niet-beursgenoteerde N.V.’s wil invoeren. Dit register zal worden ondergebracht bij het handelsregister van de Kamer van Koophandel.

Welke gegevens moeten openbaar worden gemaakt?

Nog niet duidelijk is welke gegevens precies openbaar moeten worden gemaakt. Uit het register moet in ieder geval eenvoudig blijken (i) wie de aandeelhouders (en pandhouders en vruchtgebruikers) van een (niet-beursgenoteerde) vennootschap zijn en (ii) welke aandelen die (rechts)personen in de desbetreffende vennootschap houden. Naast de registratie van een wijziging in een aandelenbelang door uitgifte, levering, fusie en splitsing, moeten ook mutaties door conversie, splitsing of samenvoeging van aandelen of door omzetting van de vennootschap worden geregistreerd. Vooralsnog lijken certificaathouders niet onder het toepassingsbereik van dit voorstel te vallen.

Voor wie is dit register toegankelijk?

Vanwege privacyoverwegingen is het uitgangspunt dat het register alleen toegankelijk is voor bepaalde overheidsinstanties (zoals de fiscus en opsporingsdiensten) en notarissen. Het register is ook toegankelijk voor de aandeelhouders van de betrokken vennootschap zelf, maar dan alleen voor zover die informatie op henzelf betrekking heeft. In een initiatiefnota wordt voorgesteld het aandeelhoudersregister voor een bredere groep toegankelijk te maken, waaronder instellingen die cliëntenonderzoek moeten doen in het kader van de WWFT (zoals banken, advocaten, accountants en makelaars). Hierop is veel kritiek gekomen. De internetconsultatie over het centraal aandeelhoudersregister loopt momenteel nog.

Naar verwachting worden de voorstellen voor een register van uiteindelijk belanghebbenden en een centraal aandeelhoudersregister samengevoegd. Er wordt dan waarschijnlijk een onderscheid gemaakt tussen de gegevens van de uiteindelijk belanghebbenden, die voor een breder publiek toegankelijk zullen zijn, en de gegevens van de overige aandeelhouders, die voor een beperkt publiek toegankelijk zullen zijn.

3 Openbaarmakingsverplichting voor stichtingen

Om de financiële transparantie te bevorderen en mogelijk misbruik van stichtingen te voorkomen, wordt voorgesteld om stichtingen te verplichten om de balans en de staat van baten en lasten (“jaarrekening”) openbaar te maken.

Welke stichtingen moeten publiceren?

Elke stichting is verplicht een jaarrekening op te stellen. Voorgesteld wordt dat alle stichtingen hun jaarrekening openbaar moeten maken. Een uitzondering wordt opgenomen voor stichtingen die (i) al verplicht zijn een jaarrekening op te stellen en openbaar te maken en (ii) pensioenfondsen. Dit betekent dat alle overige stichtingen, zoals goede doelstichtingen, anbi’s, familiestichtingen en stichting administratiekantoren onder het bereik van het voorstel vallen.

Welke gegevens moeten openbaar worden gemaakt?

Een stichting zal haar jaarrekening moeten neerleggen bij het handelsregister van de Kamer van Koophandel. De jaarrekening zal onder andere de goederen die een stichting heeft verkregen krachtens making, lastenbevoordeling, gift of natuurlijke verbintenis afzonderlijk moeten vermelden. Of een stichting administratiekantoor de naam en waarde van de onderliggende vennootschap moet vermelden, is nog niet duidelijk. Als deze gegevens moeten worden vermeld, kan dat gevolgen hebben voor de anonimisering van het (familie)bedrijf.

4 Inwerkingtreding

De verwachting is dat de Vierde Anti-witwasrichtlijn voor deze zomer wordt aangenomen. Nederland moet deze richtlijn dan vervolgens binnen twee jaar implementeren. Naar verwachting zal de WWFT hierop worden aangepast met ingang van 1 januari 2016 (uiterlijk 1 januari 2017). Het is ook de bedoeling dat het centrale aandeelhoudersregister en de verplichte openbaarmaking van de jaarrekening van stichtingen op 1 januari 2016 zullen worden ingevoerd.

5 Welke gevolgen heeft deze nieuwe wetgeving?

De gevolgen van deze wetgeving kunnen een behoorlijke impact hebben op de privacy van (groot)aandeelhouders van (familie)bedrijven. De hierboven genoemde wetgeving staat nog open voor wijzigingen. Wij onderschrijven de transparantie in de huidige maatschappij, maar het belang van de veiligheid van personen (in de privésfeer) moet voorop staan. Vanuit dit standpunt trachten wij invloed uit te oefenen op het wetgevingsproces. In het bijzonder zullen wij proberen te bewerkstelligen dat (i) de registers uitsluitend toegankelijk blijven voor bepaalde autoriteiten en beroepsbeoefenaren, (ii) het begrip “legitiem belang” in de Vierde Anti-witwasrichtlijn nader wordt beperkt, (iii) bepaalde privacygevoelige gegevens niet onder de openbaarmakingsplicht van stichtingen vallen en (iv) ontheffing voor de openbaarmakingsplicht van stichtingen wordt verleend aan bepaalde personen en groepen zoals (minderjarige) familieleden die een belang in eigendom hebben, ter voorkoming van bijvoorbeeld ontvoeringsgevaar.

Wij houden de ontwikkelingen in de diverse wetgevingsprocessen nauwlettend in de gaten. Verder adviseren wij u graag over de gevolgen van deze wetgeving voor de (groot)aandeelhouders van uw bedrijf en de mogelijkheden van anonimisering ter bescherming van de publicatie van privacygevoelige gegevens.