Wie aan verboden staatssteun denkt, denkt tegenwoordig al snel aan de belastingvoordelen die lidstaten via tax rulings aan multinationals zouden geven. Het bereik van het verbod op staatssteun is echter breder. Ook woningcorporaties, ziekenhuizen en voetbalclubs kunnen bijvoorbeeld met de staatssteunregels en de Europese Commissie in aanraking gekomen. In deze blog worden enkele belangrijke ontwikkelingen op een rij gezet.

Belastingvoordelen

De strijd tegen belastingontduiking is een van de topprioriteiten van de Europese Commissie. Dit zal gevolgen hebben voor het vestigingsklimaat van verschillende lidstaten (zie ook deze blog). Een voorbeeld is het terugvorderingsbesluit waarin de Commissie Ierland gelastte € 13 miljard aan belastingvoordeel van Apple terug te vorderen. Ook dit jaar staan tax rulings op de agenda. Er lopen onderzoeken naar de belastingvoordelen die Luxemburg aan Amazon, McDonald’s en Engie zou hebben verleend. Ondertussen loopt het beroep tegen de terugvorderingsbesluiten van de Commissie over Starbucks, Apple, de Belgische vrijstelling van overwinst en Fiat. Een belangrijk vraag hierbij zal zijn of aan het “selectiviteitscriterium” is voldaan dat vereist dat de steunmaatregel “bepaalde ondernemingen of bepaalde sectoren” moet bevoordelen om verboden te kunnen zijn. Een recent arrest van het Hof van Justitie belooft voor de multinationals op dit punt weinig goeds. In World Duty Free Group vernietigde het Hof het arrest van het Gerecht waarin was geoordeeld dat de Commissie had nagelaten aan te tonen dat een Spaans belastingschema een selectief karakter had.

Woningcorporaties

De bekostiging van woningcorporaties staan op gespannen voet met de staatssteunregels zoals bepaald in artikel 107 VWEU. Woningcorporaties ontvangen immers overheidssteun in de vorm van, onder meer, garantstellingen van overheden ten behoeve van sociale huisvesting maar zij verrichten vaak ook commerciële activiteiten. Een voorbeeld is de vraag of de zogenaamde “Vestia-heffing” illegale staatssteun betrof. Na het verlenen van saneringssteun aan Vestia legde het toenmalige Centraal Fonds voor de Volkshuisvestiging (“CFV”) aan alle Nederlandse woningcorporaties een bijdrageheffing van in totaal € 508 miljoen op. Zes woningbouwcorporaties stapten vervolgens naar de rechter, waar zij betoogden dat de handelswijze van het CFV in strijd was met het staatssteunverbod. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat dit niet het geval was en dat de saneringssteun voldeed aan de eisen die de Commissie daaraan stelt. Vanwege het “dwingend bestemmingsbestand” tussen deze saneringssteun en de Vestia-heffing was ook de Vestia-heffing rechtmatig.

In twee recente arresten vernietigde het Hof een arrest van het Gerecht in een procedure tussen een aantal woningcorporaties en de Commissie over de Woningwet 2015. Deze wet bepaalt dat woningcorporaties minimaal 80% van de vrijkomende woningen moeten toewijzen aan huishoudens met een laag inkomen. Dit voorschrift is een direct gevolg van het eerdere oordeel van de Commissie dat sociale huisvesting enkel ter beschikking mag worden gesteld aan een duidelijk gedefinieerde groep van minder draagkrachtige of sociaal zwakkere burgers en dat woningcorporaties hun commerciële activiteiten tegen marktconforme voorwaarden moeten verrichten. Het Gerecht wees het beroep van de woningcorporaties hiertegen op procedurele gronden af. Het Hof oordeelde echter dat het Gerecht een onjuiste toetsingsmaatstaf had gebruikt en vernietigde het arrest. Het Gerecht zal zich nu voor een derde keer over de zaak moeten buigen.

Ziekenhuizen

Ook ziekenhuizen moeten rekening houden met het verbod op staatssteun (zie ook deze blog). Zo concludeerde de Commissie vorig jaar dat de overheidsfinanciering aan de openbare ziekenhuizen in Brussel in overeenstemming met de staatssteunregels waren. De financiering was erop gericht tekorten te compenseren voor het verrichten van een dienst van algemeen economisch belang (DAEB) in de vorm van gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening. De Commissie legt in het besluit uit waarom de financiering aan deze ziekenhuizen de handel tussen lidstaten kan beïnvloeden.

Een ander voorbeeld is de uitspraak van de rechtbank Den Haag over de Nederlandse subsidies aan academische ziekenhuizen voor de vergoeding van de NIPT-test voor zwangere vrouwen. Gendia, een Belgisch bedrijf dat deze test ook aanbiedt, had in kort geding gevorderd dat de subsidieverstrekking zou worden beëindigd omdat het tot concurrentievervalsing zou leiden. De voorzieningenrechter stelt dat een lidstaat over een ruime beoordelingsmarge beschikt om een dienst als een DAEB aan te merken. Een dienst kan als DAEB worden aangemerkt als deze niet op een voor de Staat bevredigende wijze door de markt wordt aangeboden, bijvoorbeeld omdat de prijs te hoog is. De voorzieningenrechter is daarom van oordeel dat de subsidieregeling voldoet aan het DAEB-vrijstellingsbesluit en verenigbaar is met de interne markt.

Voetbalclubs

Ook voetbalclubs kunnen rekenen op belangstelling uit Brussel. Zo nam de Europese Commissie steun die vier noodlijdende Nederlandse voetbalclubs (FC Den Bosch, MVV Maastricht, NEC Nijmegen en Willem II) ontvingen, onder de loep. Deze steun was volgens de Commissie toegestaan, omdat de desbetreffende clubs realistische herstructureringsplannen hadden uitgevoerd, waardoor de mededinging niet werd verstoord. De sale-and-leaseback-constructie die de gemeente Eindhoven en PSV ter beoordeling aan de Commissie hadden voorgelegd, werd überhaupt niet geacht staatssteun te zijn. Niet alle voetbalclubs kwamen er zo goed vanaf: steun aan zeven Spaanse voetbalclubs, waaronder Real Madrid, FC Barcelona en Athletic Bilbao, werd door de Commissie afgekeurd. De beroepsprocedure is nog gaande.

Wetgeving

Vorige week heeft de Commissie de Algemene Groepsvrijstelling uitgebreid voor geoorloofde investeringen aan havens en luchthavens (zie ook deze blog). Ook de steunmogelijkheden voor cultuur zijn verruimd. Deze uitbreiding sluit aan op de doelstelling van Commissie om de Europese wet- en regelgeving zo doeltreffend en efficiënt mogelijk is. Illustratief is de goedkeuring die de Commissie eerder verleende voor de uitbouw van de cruiseterminal in Harlingen.

Een interessante Nederlandse ontwikkeling is het wetsvoorstel terugvordering staatssteun. Dit wetsvoorstel voorziet in nationaalrechtelijke grondslagen voor de terugvordering van staatssteun in gevallen waarin de Commissie een terugvorderingsbeschikking heeft genomen. Het doel is om enkele lacunes in de Nederlandse wetgeving omtrent de terugvordering van onrechtmatig verleende staatssteun te dichten. Het wetsvoorstel is nog niet aanhangig gemaakt. Wordt dus vervolgd!