De nieuwe wet biedt tevens de mogelijkheid aan werknemers die vanaf 1 januari 2016 uittreden uit het aanvullend pensioen (de zgn. slapers) om hun verworven reserves te laten bij de pensioeninstelling van de ex-werkgever en een overlijdensdekking aan te gaan die overeenstemt met het bedrag van de verworven reserves.

Also available in French

Deze overlijdensdekking wordt gefinancierd via de opgebouwde reserves. Hiervoor is geen medisch onderzoek nodig.

De wetgever gaat ervan uit dat de opgebouwde reserves in eerste instantie dienen om een zo hoog mogelijk aanvullend pensioen op te bouwen. Daarom moet de slaper – indien hij/zij dit wenst gelet op de financiële impact op het aanvullend pensioen – zelf uitdrukkelijk opteren voor de overlijdensdekking op basis van de achtergelaten verworven reserves. De slaper heeft hiervoor in totaal één jaar de tijd, waarna deze mogelijkheid vervalt.

In geval van uittreding moeten de slapers worden geïnformeerd over de (mogelijk) reeds bestaande overlijdensdekking, alsook over het bedrag en het type van de prestatie in het kader van deze dekking. Daarnaast moeten zij worden geïnformeerd over de nieuwe mogelijkheid om te kiezen voor een overlijdensdekking op basis van het bedrag van de verworven reserves. Indien dit berekend kan worden, moet ook het bedrag van de verworven prestaties worden meegedeeld indien de aangeslotene zou opteren voor een overlijdensdekking op basis van de verworven reserves. Het doel hiervan is om de financiële impact van de keuze voor een overlijdensdekking op de verworven reserves bij het bereiken van de pensioenleeftijd duidelijk te maken aan de slaper.

(Artikelen 4, 5 en 6 van de Wet van 18 december tot waarborging van de duurzaamheid en het sociale karakter van de aanvullende pensioenen en tot versterking van het aanvullende karakter ten opzichte van de rustpensioenen, B.S. 24 december 2015.