Een stap dichterbij een kwikvrije toekomst!

Op 18 mei jongstleden heeft de Nederlandse Staat tezamen met zes andere EU-lidstaten de UN Minamata Convention on Mercury geratificeerd. Met het aldus bereiken van de grens van het vereiste aantal van 50 ratificaties treedt het verdrag - 90 dagen na ratificatie - in werking. Het Verdrag van Minamata (het “Verdrag”) is het eerste wereldwijde verdrag met betrekking tot milieu en volksgezondheid sinds tien jaar. Dat het gebruik van kwik verregaande grensoverschrijdende effecten heeft, blijkt onder meer uit het feit dat tussen de 40 á 80% van de kwikdepositie in de EU afkomstig is van buiten de EU. Met het enkele vaststellen van Europese regelgeving wordt het probleem dus niet opgelost. Nochtans is het Verdrag een noodzakelijke stap in de richting van een kwikvrije toekomst.

De ratificatie was de laatste stap in een proces dat een aantal jaren geleden in werking is gezet. De EU en haar lidstaten ondertekenden het verdrag reeds in oktober 2013 in Japan. Op 17 mei 2017 is de EU-verordening (EU 2017/852) betreffende kwik en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1102/2008 aangenomen. Deze verordening vult het acquis van de EU verder aan en brengt het Unierecht in overeenstemming met het Verdrag.

Doel van het Verdrag

Het Verdrag heeft tot doel het beschermen van de mens en het milieu tegen de schadelijke effecten van het giftige metaal kwik. Het verdrag ontleent zijn naam aan de slachtoffers van kwikvergiftiging, veroorzaakt door de langdurige lozing van kwikhoudend afvalwater door een chemische fabriek in de Minamatabaai in Japan. Doordat het kwik in de voedselketen terecht kwam, stierven duizenden mensen na het eten van verontreinigde vis. Het Verdrag van Minamata reguleert de gehele levenscyclus van het giftige metaal, van de productie van kwikhoudende producten tot de opslag van kwikhoudend afval.

In het afgelopen decennium heeft de Europese Unie al de nodige stappen gezet met betrekking tot het beperken van de schadelijke gevolgen van kwik door het uitbrengen van enkele strategische documenten (zoals de “Strategie van de Gemeenschap voor kwik” van 28 januari 2005 (geüpdate op 7 december 2010) en het aannemen van diverse verordeningen/richtlijnen die onder andere zien op het beperken van de invoer van kwikafval (Verordening (EG) nr. 1013/2006), het verbod op de uitvoer van kwik (Verordening (EG) nr. 1102/2008, die wordt ingetrokken door de nieuwe verordening van 17 mei 2017), het verbod op de productie, verhandeling en het gebruik van een vijftal kwikverbindingen per oktober 2017 (Verordening (EG) nr. 1907/2006) en de verplichting tot het bijhouden van een informatieregister voor kwikafval (Richtlijn 2008/98/EG).

Belangrijke elementen uit het Verdrag en de EU-verordening van 17 mei 2017

Belangrijke (nieuwe) elementen uit het Verdrag en de EU-verordening van 17 mei 2017 zijn onder meer het verbod op nieuwe kwikmijnen en de sluiting van bestaande kwikmijnen, het verbod op het gebruiken van kwikverbindingen bij bepaalde productieprocessen (zoals productieprocessen waarbij kwik als katalysator of elektrode wordt gebruikt per 2018 respectievelijk 2022), uitvoer- en invoerverboden voor bepaalde kwikmengels per januari 2018 en kwikhoudende producten (zoals pesticiden, batterijen/accu’s, cosmetica en fluorescentielampen) per 1 januari 2020, emmissievoorschriften voor lucht, land en water en de regulering van de goudwinning. Deze laatste activiteit is volgens de UNEP Global Mercury Assessment uit 2013 de belangrijkste antropogene emissiebron en goed voor een geschatte uitstoot van om en nabij 727 ton per jaar.

Relevantie voor bedrijven in Nederland

De voorschriften uit het Verdrag en de EU-verordening van 17 mei 2017 zijn relevant voor diverse bedrijven in Nederland. De verordening bevat namelijk rechtstreeks werkende verplichtingen om het gebruik van kwik terug te dringen, waar ook Nederlandse bedrijven zich aan moeten gaan houden (de EU-verordening is van toepassing vanaf 1 januari 2018). Van 24 tot en met 29 september 2017 vindt in Geneve een bijeenkomst van de partijen bij het Verdrag plaats, waarbij zal worden gesproken over technische, administratieve en operationele aspecten die samenhangen met de uitvoering van het Verdrag. Naar aanleiding hiervan zal duidelijk worden op welke wijze de voorschriften uit het Verdrag en de EU-verordening zullen doorwerken in de Nederlandse wet- en regelgeving en de praktijk. Wij houden de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten.