Huurders hebben niet altijd behoefte aan een huurovereenkomst voor lange duur of voor onbepaalde tijd. Tijdelijke huurovereenkomsten maken het bovendien mogelijk dat verhuurders hun bezit flexibeler kunnen beheren en doelgerichter kunnen inzetten om bijvoorbeeld een bepaalde doelgroep te bedienen. Dit is één van de aanleidingen voor de op 9 februari 2016 door de Tweede Kamer aangenomen Wet doorstroming huurmarkt 2015.

Het kabinet wil door middel van de wet de flexibiliteit op de huurmarkt bevorderen en de prijs-kwaliteitverhouding verbeteren. Het is de bedoeling van het kabinet om de huurwoningmarkt een impuls te geven waar het gaat om betere doorstroming en het tegengaan van scheefheid. Het wetsvoorstel breidt onder andere de mogelijkheden van tijdelijke verhuur uit door middel van de volgende maatregelen:

  • een uitbreiding van de specifieke categorieën van de opzeggingsgrond 'dringend eigen gebruik'. Verhuurder kan de huurovereenkomst opzeggen op grond van dringend eigen gebruik als de huurder niet meer voldoet aan de in de huurovereenkomst opgenomen eisen. Naast de thans bestaande mogelijkheden wordt hier aan toegevoegd verhuur aan:
  • jongeren;

onder jongeren worden verstaan personen met een leeftijd van minimaal 18 en maximaal 27 jaar;

  • promovendi;

deze groep wordt opgenomen in het verlengde van de reeds in de wet opgenomen groep studenten. Aangezien verhuurders in hetzelfde type woonruimte vaak jongeren, studenten en promovendi willen huisvesten is geregeld dat jongeren, studenten en promovendi in deze regeling uitwisselbaar zijn, dus dat de woning ook opnieuw aan een jongere of een student mag worden verhuurd;

  • grote gezinnen;

een groot gezin is gedefinieerd als een gezin van 8 of meer personen. De verhuurder kan gebruik maken van de betreffende opzeggingsgond indien de omvang van het huishouden is teruggevallen naar minder dan 5 personen.

  • de huurovereenkomst voor (bepaalde) korte tijd, met een maximumduur van 2 jaar;
  • de tijdelijke huurovereenkomst voor onzelfstandige woningen.

De tijdelijke huurovereenkomst voor zelfstandige en onzelfstandige woonruimte is geheel nieuw in het woonruimte recht. Bij zogenoemde 7:290 bedrijfsruimte is de tijdelijke huurovereenkomst al wel bekend. Het wetsvoorstel moet nog worden aangenomen door de Eerste Kamer. Vermoedelijke inwerkingtreding is 1 juli 2016.