In een brief van 18 maart 2016 aan de Tweede Kamer geeft staatssecretaris Wiebes aan dat hij uitvoering wil geven aan de motie Van Weyenberg/Grashoff. Dit houdt in dat hij voornemens is het aparte tarief van de energiebelasting te verlagen voor laadpalen met een zelfstandige verbinding met het energienet. Het voorstel wordt opgenomen in het Belastingplan 2017. Het vaste verlaagde tarief zou moeten ingaan per 1 januari 2017.

U kunt doorklikken naar de brief.

Hoge Raad oordeelt over gebruikte BPM-rekenmethode

Op 18 maart 2016 heeft de Hoge Raad der Nederlanden geoordeeld over de vraag of teruggekomen kan worden op de gebruikte rekenmethode voor de vaststelling van de BPM.

In maart 2012 heeft belanghebbende een BPM aangifte ingediend voor een gebruikte Volvo die herkomstig is uit een andere lidstaat van de Europese Unie. De waarde en de BPM van de auto is vastgesteld op basis van Autotelex-koerslijst vastgesteld op respectievelijk € 25.906 en € 4.689.

In bezwaar wenst belanghebbende een beroep te doen op de XRAY-koerslijst en de waarde vast te stellen op € 23.778, waardoor een bedrag aan BPM verschuldigd zou zijn van € 4.304. Hij zou dus restitutie wensen van € 385.

Het bezwaar werd door de Belastingdienst ongegrond verklaard. Het Gerechtshof in Den Haag oordeelde dat het bezwaar terecht ongegrond was verklaard.

De Hoge Raad oordeelde dat de relevante wettelijke bepaling (artikel 10, lid 7, Wet BPM) zo kan worden uitgelegd dat teruggekomen kan worden op de gekozen methode voor de berekening van de BPM, mits voor het vaststellen van de juistheid van de later gekozen methode geen (tweede) controle van het voertuig nodig is. Omdat voor het gebruik van de XRAY-koerslijst geen (tweede) controle van het voertuig noodzakelijk is, kan deze koerslijst worden gebruikt en tot teruggaaf van BPM worden overgegaan. De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep gegrond.

Arrest Hoge raad van 18 maart 2016 nummer 14/04111