Met de inwerkingtreding van de Wet Werk en Zekerheid ("WWZ") zijn op 1 juli 2015 het BBA, het Ontslagbesluit en de daarop gebaseerde Beleidsregels ontslagtaak UWV vervallen. Zo ook de Beleidsregels ten aanzien van ontslag op grond van langdurige arbeidsongeschiktheid. Feitelijk hebben we het dan over arbeidsongeschiktheid die langer dan twee jaar heeft geduurd.

Op grond van de WWZ geldt dat bij ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid van de werknemer (artikel 7:669 lid 3 sub b BW) de werkgever aannemelijk moet maken dat binnen 26 weken geen herstel zal optreden en de bedongen arbeid niet in aangepaste vorm zal kunnen worden verricht. Bovendien dient de werkgever – net zoals bij de andere redelijke gronden voor ontslag – te onderzoeken of herplaatsing in een passende functie met behulp van scholing binnen een redelijke termijn mogelijk is.

Als de werkgever de arbeidsovereenkomst van een (langdurig) zieke werknemer wil beëindigen, kan de werkgever het UWV verzoeken toestemming te verlenen om de arbeidsovereenkomst te mogen opzeggen op basis van bovenstaande gronden. Aan de hand van het Besluit uitvoeringsregels ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid zal het UWV dan toetsen of de ontslagvergunning afgegeven kan worden. Deze uitvoeringsregels zijn voor het eerst gepubliceerd in november 2015 en geven aan welke voorwaarden gelden voor de beoordeling van het verzoek tot toestemming om de arbeidsovereenkomst wegens langdurige arbeidsongeschiktheid te mogen opzeggen. De uitvoeringsregels geven aan hoe de werkgever het verzoek dient te onderbouwen en welke gegevens in het algemeen moeten worden verstrekt.

In verband met onder andere de inwerkingtreding van de Wet werken na de AOW-leeftijd per 1 januari 2016 en met de Verzamelwet SZW 2016 dienden de uitvoeringsregels ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid echter al weer aangepast te worden. Hieronder worden de aanpassingen op een rijtje gezet.

  • Ten aanzien van de werknemer die de AOW-gerechtigde [Newsflash van 18 december 2015] reeds heeft bereikt:  
    • dient aangetoond te worden dat binnen 13 weken geen herstel zal optreden (in plaats van 26 weken bij een werknemer die deze leeftijd nog niet heeft bereikt); en
    • is de redelijke termijn in het kader van de herplaatsing enkel één maand (waar dit bij werknemers die deze leeftijd nog niet hebben bereikt de lengte van de voor de werkgever geldende opzegtermijn is).  
  • Bij de herplaatsingsmogelijkheden van een zieke werknemer worden ook de arbeidsplaatsen van oproepkrachten betrokken. Hoewel dit op basis van artikel 9 van de Ontslagregeling al duidelijk was, is dit nu ook in de uitvoeringsregels opgenomen.
  • UWV zal geen toestemming verlenen indien sprake is van een (aantal) opzegverbod(en). Deze regel is van artikel 7 Regeling UWV verplaatst naar het Burgerlijk Wetboek (artikel 7:671a lid 1 BW). Deze wijziging is tevens in de uitvoeringsregels gewijzigd.

Bent u van plan een ontslagvergunning aan te vragen bij UWV voor een langdurig zieke werknemer? Raadpleeg dan eerst de uitvoeringsregels ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid om in te schatten of deze aanvraag succesvol zal zijn.