Met ingang van 1 juli 2015 gaat de AOW-leeftijd versneld omhoog naar 66 jaar in 2018 en 67 jaar in 2021. Daarna wordt de AOW-leeftijd gekoppeld aan de stijging van de levensverwachting. De versnelling betreft met name werknemers geboren tussen 30 september 1950 en 1 januari 1957. Zij zullen enkele maanden langer moeten werken dan nu het geval is. Hierdoor kan de gemiddelde werknemersleeftijd binnen uw onderneming toenemen.

Dit volgt uit nieuwe wetgeving die op 2 juni 2015 is aangenomen door de Eerste Kamer. Doel van de wet is het betaalbaar houden van ons AOW-stelsel. Met deze wet wordt uitvoering gegeven aan het in 2012 gepubliceerde regeerakkoord van het Kabinet Rutte II, waarin de versnelde verhoging reeds was aangekondigd. De wet borduurt voort op de in 2013 ingegane Wet VAP, die de eerste verhoging van de AOW-leeftijd mogelijk maakte.

Onder de nieuwe wet zal de AOW-leeftijd als volgt oplopen

Please click here to view table.

De toepasselijke AOW-leeftijd per werknemer is afhankelijk van de geboortedatum en kan berekend worden met behulp van de rekentool op http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/algemene-ouderdomswet-aow.

Door de nieuwe AOW-leeftijden zullen de arbeidsovereenkomsten dus op een later tijdstip van rechtswege eindigen in geval van een pensioenontslag-beding met verwijzing naar AOW-gerechtigde leeftijd. Wij adviseren u overigens een dergelijk beding te heroverwegen gezien het nieuwe ontslagrecht per 1 juli 2015 (Wet werk en zekerheid) en de nieuwe opzeggingsmogelijkheid voor oudere werknemers in het bijzonder.