Stand van zaken: aanpassing Aanbestedingswet 2012 

Begin april heeft het ministerie van Economische Zaken een wetsvoorstel voor aanpassing van de huidige Aanbestedingswet 2012 ter consultatie op internet gepubliceerd. Belanghebbenden konden tot 5 mei 2015 reageren op dit wetsvoorstel. De reacties zullen op internet worden gepubliceerd. Lees meer

Aanpassing van de Aanbestedingswet 2012 is noodzakelijk ter implementatie van de teksten van drie Europese aanbestedingsrichtlijnen die op 28 maart 2014 door de Europese Unie zijn gepubliceerd  (Publicatieblad van de Europese Unie L 94/65, 94/243 en 94/1). De lidstaten hebben tot en met 16 april 2016 de tijd om deze richtlijnen in de nationale wetgeving om te zetten. De huidige Aanbestedingswet 2012 moet voor deze datum worden aangepast.

Enkele kernpunten van het wetsvoorstel tot aanpassing van de Aanbestedingswet 2012:

  • Meer flexibiliteit bij het toepassen van de verschillende aanbestedingsprocedures, waaronder de concurrentiegerichte dialoog en onderhandelingsprocedures en mogelijkheden voor kortere termijnen
  • Introductie nieuwe aanbestedingsprocedure van het “innovatiepartnerschap”
  • Wijziging systematiek “2B-diensten”
  • Eén licht regime voor concessieopdrachten
  • Codificatie van Europese rechtspraak, waaronder leerstukken als publiek-publieke samenwerking en het wijzigen van opdrachten tijdens de uitvoering
  • Verbetering integriteit door regelingen over onder meer belangenconflicten
  • Meer mogelijkheden om levenscycluskosten te betrekken bij de gunningcriteria
  • Meer mogelijkheden voor aanbestedende diensten om specifieke keurmerken te verlangen

Ernstige beroepsfout als facultatieve uitsluitingsgrond

Op 27 maart 2015 heeft de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2015:757) prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie voorgelegd. In deze zaak kwam aan de orde de vraag of een aanbestedende dienst (i) een inschrijver waarop de in de aanbestedingsstukken opgenomen facultatieve uitsluitingsgrond “ernstige beroepsfout” van toepassing is, verplicht is uit te sluiten, of (ii) op basis van een evenredigheidstoets mag onderzoeken of de toepasselijkheid van een facultatieve uitsluitingsgrond op een inschrijver moet leiden dat uitsluiting van die inschrijver.

De Hoge Raad heeft onder meer de prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie voorgelegd of het Unierecht zich er tegen verzet dat het nationale recht een aanbestedende dienst verplicht – met toepassing van het evenredigheidsbeginsel – te beoordelen of daadwerkelijk uitsluiting moet volgen indien een inschrijver een ernstige beroepsfout heeft begaan. Lees meer

Recente uitspraken en adviezen over het clusterverbod

Op grond van de Aanbestedingswet 2012 mag een aanbestedende dienst opdrachten niet onnodig samenvoegen. Voor samenvoeging is een deugdelijke motivering nodig ex artikel 1.5 lid 1 Aanbestedingswet 2012. Recentelijk zijn over dit clusterverbod drie adviezen van de Commissie van Aanbestedingsexperts verschenen, alsmede een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Lees meer

Ongeldigverklaring ná voorlopige gunningsbeslissing – via omweg – toch mogelijk?

Aanbestedende diensten dienen alle relevante redenen voor de gunning in de voorlopige gunningsbeslissing op te nemen. In 2012 oordeelde de Hoge Raad in het KPN/Tele2-arrest dat een aanbestedende dienst de relevante redenen in beginsel niet later mag aanvullen. Hieruit lijkt te volgen dat een aanbestedende dienst een inschrijving na een voorlopige gunningsbeslissing niet alsnog ongeldig kan verklaren.

Op 10 november 2014 heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Rotterdam (ECLI:NL:RBROT:2014:9450) geoordeeld dat de tussenkomende partij (de winnende inschrijver) zich wel op de ongeldigheid van de inschrijving van eiseres kan beroepen, nadat de aanbestedende dienst deze inschrijving geldig had verklaard. Van belang hierbij is dat er voor deze tussenkomende partij vóór de kort gedingprocedure geen aanwijzingen bestonden voor de ongeldigheid van de betreffende inschrijving. Lees meer

Een proportionele beperking van aansprakelijkheid

Bij het aanbesteden van opdrachten moeten aanbestedende diensten het beginsel van proportionaliteit in acht nemen. Dit proportionaliteitsbeginsel is uitgewerkt in de Gids Proportionaliteit. Op basis van Voorschrift 3.9D van de Gids Proportionaliteit mag een aanbestedende dienst geen onbeperkte aansprakelijkheid verlangen van een opdrachtnemer.

Bij advies 154 (gepubliceerd op 19 januari 2015) oordeelde de Commissie van Aanbestedingsexperts dat niet aan dit voorschrift was voldaan. De Commissie oordeelde dat een aanbestedende dienst niet aan het voorschrift voldoet enkel en alleen door art. 21.3 ARVODI 2014 (of het gelijkluidende art. 13 ARIV 2014) over te nemen in de eigen algemene voorwaarden, zonder daartoe een eigen beoordeling uit te voeren met betrekking tot de vraag welke limitering van de aansprakelijkheid proportioneel is in het onderhavige geval. Lees meer

Daarentegen kwam de voorzieningenrechter met betrekking tot dezelfde aanbesteding op 6 november 2014 (ECLI:NL:RBZWB:2014:7530) tot de slotsom dat voldoende aannemelijk was geworden dat een bodemrechter tot het oordeel zal komen dat de aanbestedende dienst met de aansprakelijkheidsregeling wel heeft voldaan aan Voorschrift 3.9D van de Gids Proportionaliteit. Lees meer

Consultatie rechtsbeschermingsrichtlijn

Op grond van de aanbestedingsrechtelijke rechtsbeschermingsrichtlijn 2007/66/EG moeten de lidstaten zorgen voor effectieve rechtsbescherming bij aanbestedingen. Dat betekent onder meer dat onwettig gegunde opdrachten vernietigbaar zijn (vgl. art. 4.15 Aanbestedingswet 2012). De Europese Commissie wenst de effectiviteit van de rechtsbeschermingsrichtlijn te evalueren, alsook de eerbiediging van intellectuele eigendom bij aanbestedingen. Daartoe heeft de Europese Commissie de volgende consultaties gepubliceerd:

  • Consultatie evaluatie rechtsbeschermingsrichtlijn, lees meer
  • Consultatie eerbieding intellectuele eigendom bij aanbestedingen, lees meer

Via de website van de Europese Commissie kan aan deze consultaties worden bijgedragen. De consultatietermijn loopt tot 20 juli 2015.