Op 17 februari 2016 is de definitieve versie van de Nederlandse Franchise Code (NFC) aan de minister aangeboden en door de minister aan de Tweede Kamer gepresenteerd. De minister gaf hierbij aan dat hij de mogelijkheid tot wettelijke verankering van de NFC verkent. Wij zijn van mening dat de NFC niet in haar opzet geslaagd is. Om die reden is wettelijke verankering geen goed idee. Download hiernaast ons artikel dat 12 april 2016 in het Financieele Dagblad werd gepubliceerd of lees hieronder meer over de NFC.

Breed gedragen code die de sector nodig heeft?

De inzet van de NFC was om tot een duidelijke en evenwichtige code te komen die branchebreed wordt gedragen. De toelichting op de NFC vermeldt in dat kader optimistisch dat de NFC 'een richtinggevend kader [is] waarin moderne en breed gedragen opvattingen over goed franchisenemer- en franchisegeverschap zijn opgenomen in de vorm van gedragsnormen'. Ook zou de NFC volgens de toelichting aansluiten bij hetgeen de sector nodig heeft. Dit terwijl de minister in de brief waarin hij de NFC aan de Tweede Kamer presenteert, schrijft dat 'in de sector (...) op onderdelen nog steeds inhoudelijke weerstand' bestaat tegen de NFC. En 'om brede naleving van de code te borgen zal ik de mogelijkheden voor wettelijke verankering verkennen'. Met andere woorden: de NFC voorziet niet in hetgeen de sector nodig heeft en wordt niet branchebreed gedragen. Van vrijwillige naleving zal dus ook geen sprake zijn en daarom is wettelijke verankering nodig om naleving af te dwingen.

Minimale aanpassingen op de consultatieversie

Op 16 juni 2015 werd door een schrijfcommissie een concept voor een NFC gepresenteerd en ter consultatie voorgelegd. Nadat een groot aantal betrokken partijen zienswijzen had ingediend, waaronder Lexence (lees hier), werd de definitieve versie van de NFC gepresenteerd. Dat de (definitieve versie van de) NFC, anders dan de toelichting pretendeert, niet branchebreed wordt gedragen en evenmin voorziet in hetgeen de sector nodig heeft, verbaast niet. Naar aanleiding van de vele ingediende zienswijzen, veelal bestaand uit korte ongemotiveerde steunbetuigingen van franchisenemers tot zeer uitvoerige en gedetailleerde kritische commentaren van of namens franchisegevers, zijn de doorgevoerde aanpassingen voornamelijk van slechts tekstuele aard. In de NFC zijn woorden toegevoegd, weggehaald of omgedraaid. Deze cosmetische aanpassingen van de consultatieversie maken evenwel niet dat de NFC nu naar haar inhoud wél evenwichtig is geworden. Nog steeds introduceert de NFC veel meer (en verdergaande) verplichtingen voor franchisegevers dan voor franchisenemers. Ook bevat de NFC nog steeds een groot aantal open normen. Weliswaar is de verouderde term 'goeder trouw' vervangen door 'redelijkheid en billijkheid', maar ook dit is een norm die, net als de vele andere open normen die de NFC bevat, voor verschillende interpretaties vatbaar is. Zo bezien zal verankering van de NFC eerder in een toename van geschillen resulteren dan dat problemen in de sector worden voorkomen.

'Pas toe of leg uit'-principe

De NFC voorziet in het 'pas toe of leg uit'-principe dat wij kennen van de (wel breed gedragen) Corporate Governance Code. Over dit principe vermeldt de toelichting op de NFC 'dat toepassing van de normen van de NFC het uitgangspunt vormt'. Als franchisegever en franchisenemer besluiten dat bepaalde NFC-regels niet (kunnen) worden toegepast en/of dat daarvan moet worden afgeweken, dan moet op transparante wijze en op een passend detailniveau schriftelijk worden verantwoord waarom dat zo is en op welke wijze de NFC principes dan (wel) worden geborgd. Deze uitleg moet als bijlage aan de franchiseovereenkomst worden toegevoegd, zo stelt de toelichting. De introductie van dit principe getuigt van weinig inzicht in de dynamiek en het krachtenveld in franchiseverhoudingen. Aangenomen mag worden dat franchisegevers heel wel in staat blijken om, al dan niet in overleg met hun franchisenemersvereniging of –raad, uit te leggen waarom de door hen aangeboden franchiseovereenkomst (op punten) gerechtvaardigd afwijkt van de NFC. Op schrift gesteld wordt deze uitleg vervolgens als bijlage aan de franchiseovereenkomst toegevoegd en met individuele franchisenemers overeengekomen.

Welbeschouwd resulteert verankering van de NFC in een administratieve lastenverzwaring voor de branche die eerder tot een toename van geschillen leidt. Bovendien blijken de 'misstanden' in de franchisesector, die destijds aanleiding vormden voor het NFC initiatief, nuancering te behoeven. Recent ving een aantal franchisenemers dat deze 'misstanden' voorlegde bot bij de civiele rechter (klik hierhier en hier ter illustratie). Als de minister het economisch belang van de franchisesector daadwerkelijk centraal stelt, zou hij de NFC niet moeten verankeren maar moeten afzinken.