De Minister van Financiën heeft op 10 februari 2016 de contouren bekend gemaakt van de wijze waarop het Ultimate Beneficial Owner (UBO) register zal worden geïmplementeerd in Nederland. Hij kiest voor het instellen van een openbaar register dat wordt gekoppeld aan vier privacywaarborgen. Naar verwachting zal het register worden beheerd door de Kamer van Koophandel. Ook is aangegeven welke entiteiten hun UBO’s moeten registreren en wie de informatie moet aanleveren bij de beheerder van het register. Alle EU-lidstaten moeten uiterlijk op 26 juni 2017 een UBO-register hebben ingesteld.

EU-antiwitwasrichtlijn

Eerder berichtten wij u dat op 20 mei 2015 het voorstel voor de EU-antiwitwasrichtlijn om terrorismefinanciering en witwaspraktijken tegen te gaan is aangenomen door het Europese Parlement (zie ons bericht van 27 mei 2015). Deze richtlijn bevat onder meer een verplichting voor EU-lidstaten om een register in te voeren, waarin bepaalde persoonlijke gegevens worden opgenomen van uiteindelijk belanghebbenden (UBO’s) van als vennootschap opgerichte en andere juridische entiteiten (UBO-register).

UBO

Een UBO is kort gezegd een natuurlijk persoon die meer dan 25 procent belang in een vennootschap of andere juridische entiteit heeft, of degene die formele of feitelijke zeggenschap heeft. Een entiteit kan meer dan één UBO hebben.

Registratieplichtige entiteiten

Voor het Nederlandse  UBO-register  wordt  beoogd  zo  veel  mogelijk  aan  te  sluiten  bij  de  entiteiten  genoemd in de Handelsregisterwet. Dit betekent dat de UBO’s van bijvoorbeeld bv’s, nv’s, stichtingen, verenigingen, personenvennootschappen (vof’s, maatschappen, CV’s), coöperaties, maar ook van buitenlandse rechtsvormen worden geregistreerd. Eenmanszaken en publiekrechtelijke rechtspersonen worden vooralsnog niet opgenomen in het UBO- register. Verder moet worden opgemerkt dat Nederland geen trustregister zal instellen.

Vier privacywaarborgen

De minister heeft gekozen voor een openbaar register dat wordt gekoppeld aan de volgende vier privacywaarborgen:

  1. iedere gebruiker zal worden geregistreerd;
  2. er zal een vergoeding worden gevraagd voor inzage;
  3. derden - anders dan specifiek aangewezen autoriteiten en de Financial Intelligence Unit Nederland (FIU-NL) - krijgen inzage in een beperkt aantal UBO-gegevens; en
  4. bij een risico op bijvoorbeeld kidnapping, chantage, geweld of intimidatie wordt steeds per individueel geval een nauwkeurige beoordeling gemaakt van de risico’s en wordt bezien of bepaalde UBO-informatie kan worden afgeschermd.

Welke informatie

In het register zal een aantal gegevens van de UBO openbaar worden gemaakt. Het gaat hierbij om de naam, geboortemaand en -jaar, nationaliteit, woonstaat, aard en omvang van het UBO-belang. Aangewezen autoriteiten en FIU-NL, die geheimhoudingsverplichtingen hebben, hebben toegang tot aanvullende gegevens.

Informatie aanleveren

Aan de registratieplichtige entiteiten wordt de verplichting opgelegd om UBO-informatie aan te leveren aan het register. Aan de UBO’s wordt de verplichting opgelegd om hieraan mee te werken. Daarnaast krijgen meldingsplichtige instellingen de plicht opgelegd om ‘verschillen’ met het UBO-register door te geven aan de beheerder van het register. Ook krijgen de autoriteiten die een rol hebben in het tegengaan van witwassen, terrorismefinanciering of andere vormen van financieel economische criminaliteit, een recht of een verplichting om afwijkende gegevens door te geven. De beheerder zal op basis van de beschikbare gegevens beslissen welke UBO-informatie in het register komt te staan.

Onze overige thuismarkten

De regeringen van onze thuismarkten Luxemburg en België hebben nog geen contouren of voorstellen van wetgeving gepubliceerd over hoe zij het UBO-register zullen gaan implementeren in hun nationale wetgeving. Zwitserland valt als niet EU-lidstaat buiten het bereik van de richtlijn.